Ecologiepremie +

Laatst gewijzigd op 11 jan 2018 (Alle wijzigingen)

Samengevat

Voor wie
kmo's & grote ondernemingen
Voor wat
investeringen in bep. milieu- en energiebesparende technologieën, warmtekrachtkoppeling en hernieuwbare energie
Subsidie
van 30-55 % ( kmo) of 15-45 % (go) op de ecologische meerkost

Wat houdt de maatregel in

Ondernemingen in het Vlaamse Gewest kunnen van Agentschap Innoveren & Ondernemen een subsidie verkrijgen voor investeringen in bepaalde milieu- en energiebesparende technologieën, warmtekrachtkoppeling (WKK) en hernieuwbare energie. Het bedrag van de ecologiepremie wordt bepaald op basis van de meerkost en essentiële componenten; de grootte van de onderneming en de subsidiebonus.

Onder ecologie-investeringen worden milieu-investeringen en investeringen op energiegebied verstaan. Met de ecologiepremie wil de Vlaamse overheid ondernemingen stimuleren om hun productieproces milieuvriendelijk en energiezuinig te organiseren en zij neemt daarbij een gedeelte van de extra investeringskosten, die een dergelijke investering met zich meebrengt, voor haar rekening.

Naast de ecologiepremie is er de strategische ecologiesteun (STRES) die tegemoet komt aan ondernemingsspecifieke en grotere investeringsprojecten op het vlak van milieu en energie.

Wie komt in aanmerking

Alle ondernemingen die gevestigd zijn in het Vlaamse Gewest en die een in aanmerking komende hoofdactiviteit uitvoeren (op basis van de NACE-code lijst) komen in aanmerking voor een ecologiepremie.

Voor de omvang van de ecologiesteun wordt wel een onderscheid gemaakt tussen kmo's en grote ondernemingen.

Criteria
ko
mo

Tewerkstelling

minder dan 50

minder dan 250

ofwel jaaromzet
ofwel balanstotaal

maximum €10 miljoen
maximum €10 miljoen

maximum €50 miljoen
maximum €43 miljoen

Zelfstandigheidscriterium

Zelfstandigheid uit zich in het samentellen van de data van de steunvragende onderneming met deze van de participerende (vanaf meer dan 25% participatie) en verbonden (vanaf meer dan 50% participatie) ondernemingen (zie ook vlaio.be/nl/subsidies-financiering/ecologiepremie/voorwaarden/de-europese-kmo-definitie

Wanneer één van deze criteria wordt overschreden is men een grote onderneming. Voor de bepaling van de grootte van de onderneming wordt gekeken naar de 2 boekjaren voorafgaand aan het moment van indiening.

Vzw’s zijn geen aanvaardbare juridische vorm.

Ondernemingen met één of meer grote energie-intensieve vestigingen kunnen enkel een ecologie-premie krijgen als de vestigingen waar de ecologie-investering zullen worden uitgevoerd  zijn toegetreden tot een Vlaams energiebeleidsovereenkomst (primair energieverbruik ≥ 0,1 PJ) en deze ook naleven.

Grote ondernemingen moeten het stimulerend effect van de steun voor het investeringsproject bewijzen door aan te geven welke investering sowieso zal gebeuren, en tot welk extra de onderneming mits steun bereid is.

De investeringen kunnen worden uitgevoerd door een patrimoniumvennootschap die behoort tot dezelfde groep als de steunaanvragende onderneming.
Dit is in de volgende gevallen:

  • de patrimoniumvennootschap participeert voor ten minste 25% in de steunaanvragende onderneming;
  • de steunaanvragende onderneming participeert voor ten minste 25% in de patrimoniumvennootschap;
  • een natuurlijke persoon of rechtspersoon participeert voor ten minste 25% in beide vennootschappen.

Een onderneming in moeilijkheden wordt uitgesloten van steun ingevolge Europese regelgeving.

Wat komt in aanmerking

Een ecologiepremie wordt toegekend aan de technologieën die opgenomen zijn in een limitatieve technologieënlijst (afgekort LTL). Voor aanvragen vanaf 31 oktober 2017 (LTL-lijst van 31 oktober 2017) zijn er 39 technologieën geselecteerd voor steun. De technologieën zijn opgedeeld in volgende drie categorieën:

  • milieutechnologieën;
  • energiebesparende technologieën;
  • warmtekrachtkoppeling (WKK) en hernieuwbare energie.

Volgende technologieën komen niet voor op de LTL en zijn bijgevolg uitgesloten van een ecologiepremie:

  • ecologie-investeringen die in aanmerking komen voor steunverlening via warmtekrachtcertificaten als vermeld in het elektriciteitsdecreet.
  • ecologie-investeringen die in aanmerking komen voor steunverlening via groenestroomcertificaten als vermeld in het elektriciteitsdecreet (vb zonnepanelen, windturbines…)

De volledige LTL is te vinden op vlaio.be/nl/subsidies-financiering/ecologiepremie/voorwaarden. De LTL van 31 oktober 2017 is momenteel van toepassing voor steunaanvragen.

Omvang steun

De ecologiepremie wordt toegekend in de vorm van een subsidie. Het bedrag van de ecologiepremie wordt bepaald door:

  • de grootte van de onderneming (kmo of go);
  • het type technologie;
  • de ecoklasse/ecogetal;
  • het meerkostpercentage van de technologie en de essentiële componenten.

De steun is steeds van toepassing op de vermelde essentiële componenten exclusief installatiekosten behalve waar vermeld. De investeringen moeten steeds geactiveerd worden op de balans en over minimum 3 jaar afgeschreven worden. De investeringen moeten ook minimum 5 jaar na realisatie in het bedrijf behouden te worden en mogen niet ter beschikking van derden worden gesteld.

Enkel technologieën die een positieve kosteneffectiviteit hebben volgens de Recipe-methode, komen in aanmerking voor steun. Technologieën met een kosteneffectiviteit vanaf 1,5 of hoger hebben hogere steunpercentages (ecoklasse A/ecogetal 9) dan technologieën met een kosteneffectiviteit lager dan 1,5 (ecoklasse B/ecogetal 6). Om het nettosteunpercentage te bepalen moet het steunpercentage in de tabellen hieronder vermenigvuldigd worden met het meerkostenpercentage van de gekozen technologie vermeld in de LTL-lijst:

Energiebesparende technologieën

Ecoklasse

Ecogetal

kmo's

grote ondernemingen

A 9 40% 30%
B 6 30% 15%
Milieutechnologieën

Ecoklasse

Ecogetal

kmo's

grote ondernemingen

A 9 50% 40%
B 6 30% 15%
Hernieuwbare energie en WKK

Ecoklasse

Ecogetal

kmo's

grote ondernemingen

A 9 55% 45%
B 6 30% 15%

Het totale bedrag aan toegekende ecologiepremie bedraagt maximaal € 1 miljoen over een periode van 3 jaar te rekenen van de indieningsdatum van de eerste positief besliste steunaanvraag.

Aanvraagprocedure

Meer informatie over de aanvraagprocedure is terug te vinden op vlaio.be/nl/subsidies-financiering/ecologiepremie/aanvraagprocedure.

Om de persoonlijke gegevens maximaal te beveiligen moet men zich aanmelden via een federaal token of een elektronische identiteitskaart. Wie gebruik wil maken van de elektronische identiteitskaart, heeft uiteraard een kaartlezer en de nodige software nodig. Wie liever gebruik maakt van het federale token, kan dit aanvragen via www.belgium.be. Hou hierbij uw rijksregisternummer, SIS-kaartnummer en identiteitskaartnummer bij de hand. Het federale token is persoonlijk en wordt naar het thuisadres gestuurd. Elke persoon die door de onderneming gemachtigd is, kan een aanvraag doen.

Opgelet! De onderneming mag nog niet gestart zijn met de investeringen bij de indiening van de aanvraag. De vroegst mogelijke startdatum van het investeringsproject is de eerste dag van de maand die volgt op de maand waarin de steunaanvraag wordt ingediend.

Als startdatum geldt de datum van de eerste factuur of het leasingcontract. De ecologie-investeringen moeten ook starten binnen de 6 maanden na de beslissing tot toekenning van steun en moeten binnen een termijn van 3 jaar na de beslissingsdatum beëindigd zijn.

Uitbetalingsprocedure

De steun wordt in drie schijven uitbetaald (ten vroegste één maand na de beslissing tot toekenning):

  • een eerste schijf (30%) nadat 30% van de investeringen zijn gerealiseerd;
  • een tweede schijf (30%) nadat 60% van de investeringen zijn gerealiseerd;
  • een derde schijf (40%) na beëindiging van de investeringen en na controle van het dossier.
De uitbetaling van een schijf dient via de webapplicatie te worden aangevraagd. Opgelet! De steun dient ten laatste 12 maanden na het beëindigen van het investeringsproject (laatste factuurdatum) opgevraagd te worden.

Voorbeelden

Voorbeeld 1

Een drukkerij installeert een nieuwe koelinstallatie met 100 kW koelvermogen op basis van alternatieve koelmiddelen ter waarde van € 50.000 excl. plaatsingskosten.

  • NACE-code:18120 “overige drukkerijen” is opgenomen: ok.

  • Technologie: zie LTL-technologie nr.1300:“Een nieuw koelsysteem op basis van alternatieve koudemiddelen (uitgezonderd ammoniak) met een totaal koelvermogen tussen 50 en 300 kW”.

  • uitleg:

    • “Een nieuw koelsysteem (totaal koelvermogen installatie meer dan 50 en minder dan 300 kW) voor het koelen van ruimten, producten of processtromen op basis van CO2, lucht, niet-gehalogeneerde koolwaterstoffen zoals propaan, (iso)butaan, propyleen, ethyleen, ethaan. Comfortkoeling en huishoudelijke koeling komen niet in aanmerking voor deze technologie. Een nieuw koelsysteem op basis van ammoniak is weergegeven in T1301.”
    • meerkost: 30%
    • ecologiegetal: 6 - ecoklasse: B
    • steunpercentage : kmo 30% - go 15%
    • nettosubsidie : kmo 9% - go 4,5%
    • essentiële componenten: koelsysteem met alternatief koudemiddel.
  • Subsidiepercentage: stel dat dit een kmo is: subsidie=25%

  • Omvang subsidie = bedrag essentiële componenten x meerkostpercentage x subsidiepercentage
    =  € 50.000 x 30% x 30%
    =  € 4.500

Voorbeeld 2

Een 50% dochter van een multinational in de voedingsindustrie installeert in 5 vrachtwagens op CNG van €150.000 per vrachtwagen.

  • NACE-code:10393 “Productie van diepgevroren groenten en fruit" is opgenomen: OK
  • Technologie :zie LTL-technologie nummer 201059 : “Vrachtwagens met CNG (Compressed Natural Gas) als brandstof”
  • uitleg:
    • “Nieuwe vrachtwagen (+3,5 ton) met CNG als brandstof (monofuel), zonder opbouw en met maximum in aanmerking komend investeringsbedrag van € 100.000.”
    • milieutechnologie
    • meerkost: 30%
    • ecologiegetal: 9 - ecoklasse A
    • steunpercentage kmo: 50% - go : 40%
    • nettosubsidie kmo: 15% - go 12%
    • essentiële componenten: vrachtwagen op CNG, zonder opbouw en met een maximum in aanmerking komend investeringsbedrag van €100.000
  • Subsidiepercentage: stel dat dit een 50% dochter is van een grote onderneming (GO) dan is de onderneming zelf ook een grote onderneming (GO)
  • Omvang subsidie=bedrag essentiële componenten x subsidiepercentage
    = € 500.000* x 30% x 40%
    = € 60.000

* maximaal € 100.000 per vrachtwagen op te geven (€ 150.000 > € 100.000 x 5 = € 500.000)