Corona compensatiepremie

Laatst gewijzigd op 5 mei 2020 (Alle wijzigingen)

Samengevat

Voor wie
zelfstandigen en ondernemingen
Voor wat
omzetdaling van minstens 60% ingevolge coronacrisis
Subsidie
€ 3.000 (€ 1.500 voor bijberoep)

Wat houdt de maatregel in

Ondernemers die door de beperkende maatregelen van de federale overheid een omzetdaling van minstens 60% hebben in de periode tussen 14 maart 2020 en 30 april 2020 in vergelijking met dezelfde periode vorig jaar, kunnen een forfaitaire Corona compensatiepremie van € 3.000 aanvragen. De compensatiepremie geldt ook voor zelfstandigen in bijberoep onder bepaalde voorwaarden.

De zelfstandigen in bijberoep, die in 2019 een beroepsinkomen hebben tussen € 6.996,89 en € 13.993,78 en die als loontrekkende minder dan 80% tewerkgesteld zijn, komen in aanmerking voor een premie van € 1.500. Ook de bijberoepers, die in 2019 een beroepsinkomen hebben tussen € 6.996,89 en € 13.993,78 en die als loontrekkende minder dan 80% tewerkgesteld zijn, én verplicht moesten sluiten door de opgelegde federale maatregelen komen voor deze premie in aanmerking. 

Deze maatregel kan sinds 5 mei 2020 worden aangevraagd. De steunmaatregelen die de gemeenschappen en gewesten nemen in het kader van de coronacrisis zullen belastingvrij zijn in de personen- en vennootschapsbelasting. Ook de Corona compensatiepremie valt hieronder. Meer informatie kan je terugvinden in het 'Wetsontwerp houdende diverse dringende fiscale bepalingen ten gevolge van de COVID-19 pandemie', terug te vinden op dekamer.be.

 

Wie komt in aanmerking

Zelfstandigen en ondernemingen

Je komt in aanmerking als je tot één van de volgende categorieën behoort: 

  • Zelfstandige in hoofdberoep;
  • Zelfstandige in bijberoep die in 2019 een beroepsinkomen (netto belastbaar inkomen) heeft van minstens € 13.993,78;
  • Zelfstandige in bijberoep die in 2019 een beroepsinkomen (netto belastbaar inkomen) heeft tussen € 6.996,89 en € 13.993,78 en als loontrekkende minder dan 80% is tewerkgesteld (= helft van de premie);
  • Een vennootschap met rechtspersoonlijkheid van privaat recht of een buitenlandse in België ingeschreven onderneming met een vergelijkbaar statuut, met telkens minstens één voltijdsequivalent (VTE) werkende vennoot of één voltijdsequivalent (VTE) RSZ-ingeschreven personeelslid; 
  • Een vereniging met een economische activiteit met minstens één voltijdsequivalent (VTE) RSZ-ingeschreven personeelslid;

Gepensioneerden die een zelfstandige activiteit uitoefenen en student-zelfstandigen komen in aanmerking voor zover ze voldoen aan één van de voormelde voorwaarden. Ook journalisten en andere beroepscategorieën die van rechtswege zijn vrijgesteld van de wettelijke bijdragen kunnen genieten van deze steunmaatregel.

Algemene voorwaarden
  • De onderneming of zelfstandige is op 12 maart 2020 actief volgens de Kruispuntbank van Ondernemingen (KBO). Ondernemingen die zich in een niet-actieve toestand bevinden zijn uitgesloten (bijvoorbeeld ingeval van faillissement, vereffening, stopzetting, enzovoort). 
  • De onderneming heeft een actieve exploitatie- of uitbatingszetel in het Vlaamse Gewest. 
Uitgesloten ondernemingen

Volgende ondernemingen zijn uitgesloten:

  • holdingvennootschappen (NACE 68203);
  • patrimoniumvennootschappen (verhuur en exploitatie van eigen of geleased niet-residentieel onroerend goed, exclusief terreinen) (NACE 68203);
  • activiteiten van hoofdkantoren (NACE 70100);
  • managementvennootschappen waarvan de zaakvoerder van de onderneming zakelijke diensten verleent aan een onderneming die reeds de compensatiepremie ontving en waarin dezelfde persoon bestuurder, vennoot of zaakvoerder is;
  • de ondernemingen die verplicht werden te sluiten door de federale maatregelen en bijgevolg aanspraak maken op een corona hinderpremie (dit geldt dus niet voor de zelfstandigen in bijberoep).   

Welke activiteit komt in aanmerking

Er kan een onderscheid worden gemaakt tussen:

  • Ondernemingen die op 13 maart 2020 (volgens de KBO) een hoofdactiviteit (op ondernemings- of vestigingsniveau) hebben die opgenomen is in deze Nace-code. Het betreft:
    • de eventsector en de andere ondernemingen die indirect door de sluitingen en afgelastingen ten gevolge van de federale maatregelen worden getroffen;
    • de (para)medische beroepen en technische controle die ten gevolge van de federale maatregelen alleen nog dringende interventies mogen doen;
    • de dienstenleveranciers die ten gevolge van de federale maatregelen alleen nog dringende interventies mogen doen of waarbij bepaalde werklocaties worden afgesloten;
    • de ondernemingen die essentiële diensten leveren.
  • Zelfstandigen in bijberoep die verplicht moesten sluiten ingevolge de opgelegde federale maatregelen, maar die niet in aanmerking komen voor de corona hinderpremie. 
  • Ondernemingen die niet verplicht de deuren moesten sluiten, maar een substantiële exploitatiebeperking ondergaan ten gevolge van de opgelegde federale maatregelen om de verspreiding van het coronavirus tegen te gaan.

    Ondernemingen die een verminderde omzet hebben die niet gerelateerd is aan de coronacrisis komen niet in aanmerking.

    Omzetdaling

    Omzetdaling 60%

    De onderneming moet een omzetdaling van minstens 60% hebben ten gevolge van de coronacrisis in de periode van 14 maart 2020 tot en met 30 april 2020.

    De referentieperiode is de periode van 14 maart 2019 tot en met 30 april 2019. Indien de referentieperiode een abnormaal lage omzet aantoont (voorbeelden: ingevolge zwangerschapsverlof of arbeidsongeschiktheid) mag de periode vervangen worden door een andere referentieperiode met dezelfde termijn.

    Voor startende ondernemingen geldt als referte de verwachte omzet van 14 maart 2020 tot en met 30 april 2020 in een financieel plan. Startende ondernemingen die geen financieel plan moesten neerleggen bij opstart (bv. eenmanszaken) moeten een financieel plan opstellen om de lagere omzet te verantwoorden.

    De omzetdaling wordt aangetoond op basis van een van volgende elementen:

    • dagontvangsten
    • geleverde prestaties
    • tijdsregistratie
    Uitzondering omzetdaling

    Een zelfstandige in bijberoep die in 2019 een beroepsinkomen had tussen € 6.996,89 en € 13.993,78 en als loontrekkende minder dan 80% is tewerkgesteld, hoeft de omzetdaling van 60% niet aan te tonen, indien hij verplicht moest sluiten ingevolge de federale maatregelen.

    Omvang steun

    Ondernemingen en zelfstandigen in hoofdberoep of gelijkgesteld

    Wie omwille van de exploitatiebeperkingen door de federale maatregelen een omzetdaling van minstens 60% heeft in de periode 14 maart 2020 tot 30 april 2020, krijgt een eenmalige forfaitaire premie van € 3.000.

    De premie wordt verhoogd met een premie voor elke bijkomende exploitatiezetel gelegen in het Vlaamse Gewest, voor zover er minstens één voltijdsequivalent (VTE) personeelslid, ingeschreven bij de Rijksdienst voor de Sociale Zekerheid (RSZ), tewerkgesteld is. 

    Het aantal premies voor een onderneming met meerdere exploitatie- of uitbatingszetels wordt beperkt tot maximaal vijf per onderneming.

    Zelfstandigen in bijberoep

    Een zelfstandige in bijberoep die in 2019 een beroepsinkomen had tussen € 6.996,89 en € 13.993,78 en als loontrekkende minder dan 80% is tewerkgesteld, kan genieten van een eenmalige forfaitaire premie van € 1.500 indien aan de omzetdaling werd voldaan of indien deze onderworpen werd aan een verplichte sluiting.

    De-minimis

    Deze maatregel valt onder de toepassing van de Europese de minimis-regelgeving. Hierdoor mag de de-minimissteun aan bedrijven over drie jaar gespreid niet meer dan € 200.000 bedragen. Voor meer info zie www.vlaio.be/nl/begeleiding-advies/financiering/overheidsmaatregelen/veelgestelde-vragen-de-minimis.

    Aanvraagprocedure

    De corona compensatiepremie wordt aangevraagd via een online applicatie en dit tot uiterlijk 30 juni 2020.

    De aanvraagprocedure kan je terugvinden op www.vlaio.be/nl/subsidies-financiering/corona-compensatiepremie/hoe-vraag-je-de-corona-compensatiepremie-aan. In de groene balk vind je de online applicatie (roze knop) terug.

    Per onderneming wordt slechts één aanvraag ingediend, ook indien er verschillende exploitatiezetels zijn.

    De omzetdaling van minstens 60% zal je bij indiening van de steunaanvraag moeten verklaren op eer. Je dient de bewijsstukken voor een controle gedurende 5 jaar bij te houden met het oog op een mogelijke controle.

    VLAIO zal de aanvraag onderzoeken en toetst hierbij de naleving van de voorwaarden af, opgelegd door de regelgeving, en beslist of de subsidie wordt toegekend. Deze beslissing wordt per e-mail meegedeeld aan de onderneming. 

    De uitbetaling van de premie gebeurt automatisch na goedkeuring van de aanvraag door VLAIO en enkel op een Belgisch rekeningnummer van de begunstigde onderneming.

    Indien uit een controle door VLAIO na steuntoekenning blijkt dat de omzetdaling van minstens 60% niet gehaald werd of aan één van de andere voorwaarden opgelegd in deze regelgeving niet werd voldaan, dient de onderneming de uitbetaalde steun terug te betalen aan VLAIO.

    Cumulering

    Deze maatregel kan niet worden gecumuleerd met:

    Deze maatregel kan wel gecombineerd worden met het Overbruggingsrecht voor zelfstandigen.

    Vrijgesteld van belasting

    De steunmaatregelen die de gemeenschappen en gewesten nemen in het kader van de coronacrisis zullen belastingvrij zijn in de personen- en vennootschapsbelasting. Ook de corona compensatiepremie valt hieronder. Meer informatie kan je terugvinden in het 'Wetsontwerp houdende diverse dringende fiscale bepalingen ten gevolge van de COVID-19 pandemie', terug te vinden op dekamer.be.

    Aanvullende premie gemeenten

    Sommige steden en gemeenten voorzien een aanvullende premie voor de ondernemers die kunnen aanspraak maken op de Vlaamse Corona compensatiepremie.

    Meer informatie over deze premies en andere lokale initiatieven kan je terugvinden in de Subsidiedatabank: www.vlaio.be/nl/subsidies-financiering/subsidiedatabank/steunmaatregelen-coronavirus-door-steden-en-gemeenten.