Energiesteun 2: subsidie voor meerkosten gas en elektriciteit

Laatst gewijzigd op 4 jul 2023 (Alle wijzigingen)
Geen aanvraag meer mogelijk

Samengevat

Voor wie
ondernemingen met een daling van de EBITDA van minstens 50% in het eerste kwartaal van 2023 omwille van hoge energiekosten
Voor wat
verhoogde kosten voor aardgas en elektriciteit in het eerste kwartaal 2023
Subsidie
tot 25% tot 35% van de in aanmerking komende meerkosten voor aardgas en elektriciteit (eerste kwartaal 2023)

Bekijk ook het thema Moeilijkheden overwinnen voor andere ondersteuning tijdens de energiecrisis. 

Wat houdt de maatregel in

Ondernemingen die geconfronteerd werden met stijgende energie-uitgaven in het eerste kwartaal van 2023 konden 25% steun bekomen op de in aanmerking komende meerkost voor aardgas en elektriciteit voor de vestigingen van de onderneming in het Vlaamse Gewest. Deze ondernemingen moesten een daling van de EBITDA van minstens 50% in het eerste kwartaal van 2023 hebben ten opzichte van de referentie-EBITDA (één vierde van de EBITDA van het kalenderjaar 2021). Bovendien moesten ze in 2021 minstens € 7.500 aan kosten voor aardgas en/of elektriciteit in de Vlaamse vestigingen hebben. De totale meerkost van de energie-uitgaven voor elektriciteit en aardgas (inclusief CNG en LNG) diende minstens 50% van de EBITDA-daling te bedragen voor een EBITDA-daling van 50% tot 70% of minstens 35% van de strikt positieve referentie-EBITDA voor een EBITDA-daling van meer dan 70%.

Energie-intensieve ondernemingen en energie-intensieve ondernemingen actief in specifiek getroffen sectoren, kwamen in aanmerking voor een verhoogde steun van 30% tot 35%. Ook energie-intensieve ondernemingen die in het eerste kwartaal van 2023 geen EBITDA-daling van minstens 50% kenden op ondernemingsniveau, maar wel een EBITDA-daling van minstens 40%, en een operationeel verlies leden op niveau van één of meerdere bedrijfstakken, konden deze steun krijgen.

Deze 'Energiesteun 2' voor ondernemingen die geconfronteerd werden met stijgende energie-uitgaven in het eerste kwartaal van 2023 ten gevolge van het conflict in Oekraïne werd op 21 april 2023 goedgekeurd door de Vlaamse Regering. Deze steun moest gezonde ondernemingen verder continuïteit bieden en hen vrijwaren van faillissement. De online aanvraag was mogelijk van 24 april 2023 tot en met 30 juni 2023. 

Wie komt in aanmerking

Definitie onderneming

Om in aanmerking te komen moet de onderneming aan volgende voorwaarden beantwoorden:

  • je bent een natuurlijk persoon die zelfstandig een beroepsactiviteit uitoefent, een vennootschap, vereniging of stichting met rechtspersoonlijkheid van privaat recht of een buitenlandse onderneming met een vergelijkbaar statuut met minstens één werkende vennoot of een personeelslid ingeschreven bij de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid (RSZ). De vereniging en de stichting moeten een commerciële activiteit uitoefenen en minstens één personeelslid ingeschreven hebben bij de RSZ;
  • je onderneming is uiterlijk op 1 oktober 2021 opgestart, zoals vermeld in de Kruispuntbank van Ondernemingen (KBO);
  • je hebt uiterlijk op 1 oktober 2021 een actieve exploitatiezetel in het Vlaamse Gewest, zoals opgenomen in de KBO;
  • je had in 2021 minstens € 7.500 aan kosten voor aardgas en elektriciteit in de Vlaamse vestigingen;
  • je hebt een operationeel verlies geleden in het eerste kwartaal van 2023 of je kende een daling van minstens 50% van de EBITDA in het eerste kwartaal van 2023 ten opzichte van de referentie-EBITDA (één vierde van de EBITDA in kalenderjaar 2021). (zie verder);
  • vraag je steun aan dan mag je in de periode van 1 januari 2023 tot en met 31 december 2023 geen dividend uitkeren. Doe je dit wel, dan zal je de ontvangen energiesteun integraal moeten terugbetalen;
  • ben je een energie-intensieve onderneming en je hebt geen operationeel verlies geleden in het vierde kwartaal van 2022, dan kan je wel steun aanvragen voor één of meerdere Vlaamse bedrijfstakken van de onderneming die wel een operationeel verlies in het vierde kwartaal 2022 heeft (zie verder);
  • voor ondernemingen die behoren tot de doelgroep van de energiebeleidsovereenkomsten (EBO's) gelden er bijkomende voorwaarden (zie volgende rubriek);
  • maak je gebruik van tijdelijke werkloosheid dan gelden er bijkomende voorwaarden (zie volgende rubriek).
Definitie EBITDA

De EBITDA is de inkomsten vóór aftrek van rente, belastingen, afschrijvingen en amortisatie met uitzondering van eenmalige bijzondere waardeverminderingen. Raadpleeg de FAQ op de VLAIO website voor de berekening van de EBITDA. Het operationeel verlies van de onderneming is gedefinieerd als de negatieve EBITDA.

Het operationeel verlies wordt geattesteerd door een erkende externe accountant (ITAA), een bedrijfsrevisor of een gecertificeerde accountant bij de uitbetalingsaanvraag.

Definitie energie-intensieve onderneming 

Dit zijn ondernemingen in de zin van artikel 17, lid 1, punt a), eerste alinea van Richtlijn 2003/96/EG van de Raad van 27 oktober 2003 tot herstructurering van de communautaire regeling voor de belasting van energieproducten en elektriciteit, waarvan de energie-uitgaven in 2021 minstens 3% vertegenwoordigden van de omzet behaald tijdens het kalenderjaar 2021, zoals af te leiden uit de jaarrekening of resultatenrekening.

Een energie-intensieve onderneming met een strikt positieve referentie-EBITDA die op ondernemingsniveau geen EBITDA-daling van minstens 50% heeft maar wel een daling van de EBITDA van minstens 40%, kan steun aanvragen voor één of meerdere Vlaamse bedrijfstakken van de onderneming.

De bedrijfstak komt enkel in aanmerking voor steun als hij voldoet aan volgende voorwaarden:

  • de onderneming heeft een daling van de EBITDA van minstens 40% in het eerste kwartaal van 2023;
  • De onderneming heeft een omzet van minstens € 40 miljoen in het kalenderjaar 2021;
  • elke betrokken bedrijfstak heeft uiterlijk op 1 oktober 2021 actieve vestigingen in het Vlaamse Gewest volgens de KBO;
  • elke betrokken bedrijfstak heeft een omzet van minstens € 20 miljoen in het kalenderjaar 2021;
  • elke betrokken bedrijfstak heeft een operationeel verlies in het eerste kwartaal van 2023;
  • de in aanmerking komende meerkost van elke betrokken bedrijfstak bedraagt minstens 50% van het operationeel verlies in het eerste kwartaal van 2023.
Zijn uitgesloten
  • ondernemingen die zich in een niet-actieve rechtstoestand bevinden ingevolge faillissement, vereffening, stopzetting of ontbinding;
  • ondernemingen die zowel in het boekjaar 2019 als het boekjaar 2021 een negatief eigen vermogen hadden;
  • kredietinstellingen en de financiële instellingen die onder toezicht vallen van de Nationale Bank van België;
  • ondernemingen waar een administratieve overheid of een buitenlandse vergelijkbare administratieve overheid, over een dominerende invloed beschikt;
  • ondernemingen die als hoofdactiviteit elektriciteits- of warmteproductie (NACE-codes 35.1 of 35.3) uitoefenen. Onder hoofdactiviteit wordt verstaan de activiteit die is opgenomen als activiteit in de KBO onder de RSZ- of btw-NACE-code en die meer dan 50% van de omzet van 2021 vertegenwoordigt;
  • ondernemingen die op het moment van de steunaanvraag een insolventieprocedure hebben lopen of gedagvaard zijn door de RSZ zoals vermeld in de VKBO;
  • ondernemingen die een openstaande onbetwiste schuld hebben bij VLAIO of het Fonds voor Innoveren en Ondernemen;
  • ondernemingen die voor dezelfde steunperiode een andere steun onder de vorm van subsidies ontvangen van de Vlaamse overheid als tegemoetkoming voor sterk verhoogde energiekosten.

Bijkomende voorwaarden

Beperking bij gebruik van Tijdelijke werkloosheid

Ondernemingen komen enkel in aanmerking voor steun indien zij over het volledige eerste kwartaal van 2023 niet meer dan 35% van het bij de RSZ ingeschreven personeel in koppen op tijdelijke werkloosheid hebben gezet.

Deze voorwaarde is niet van toepassing indien de onderneming kan aantonen dat het op tijdelijke werkloosheid plaatsen van personeel te wijten is aan externe omstandigheden en niet aan de stijgende energieprijzen.

Deze voorwaarde is ook niet van toepassing op ondernemingen met een maximale tewerkstelling van 10 personen op basis van de laatst beschikbare RSZ-personeelsklasse in de VKBO.

Energiebeleidsovereenkomsten

Ben je een onderneming die voor minstens één vestiging behoort tot het toepassingsgebied van een energiebeleidsovereenkomst (EBO) van 10 november 202 dan kom je enkel in aanmerking voor steun als alle vestigingen van de onderneming die behoren tot het toepassingsgebied van deze EBO uiterlijk op 1 oktober 2022 zijn toegetreden tot deze EBO en de voorwaarden ervan naleven.

Ben je een onderneming die voor minstens één vestiging behoort tot het toepassingsgebied van een EBO voor de periode 2023-2026 dan kom je enkel in aanmerking voor steun als alle vestigingen van de onderneming die behoren tot het toepassingsgebied van deze energiebeleidsovereenkomst toetreden en de voorwaarden ervan naleven gedurende de volledige looptijd ervan. 

Gevestigd blijven in het Vlaamse Gewest gedurende vijf jaar

De steun kan enkel behouden blijven indien de vestigingen van de onderneming, op basis waarvan de in aanmerking komende meerkost wordt berekend, gedurende vijf jaar na de uiterste indieningsdatum actief blijven in het Vlaamse Gewest. Ingeval van een adreswijziging binnen het Vlaamse Gewest loopt de periode van vijf jaar door.

Indien de onderneming steun ontvangt voor een bedrijfstak, geldt deze voorwaarde voor deze bedrijfstak.

Omvang steun

Bepaling meerkost

Het steunbedrag wordt berekend als een percentage van de in aanmerking komende meerkost voor aardgas en elektriciteit voor de vestigingen van de onderneming in het Vlaamse Gewest.

De in aanmerking komende meerkost wordt berekend als de som van:

  • het gasverbruik(1) x (de gasprijs – 1,5 x de referentieprijs voor gas)
  • het elektriciteitsverbruik(1) x (de elektriciteitsprijs – 1,5 x de referentieprijs voor elektriciteit)

(1) Maximaal 70% van het volume in dezelfde maand van 2021

De in aanmerking komende meerkost wordt afzonderlijk berekend voor de maanden januari t.e.m. maart 2023 en vervolgens opgeteld. Als de in aanmerking komende meerkost voor aardgas of elektriciteit voor een bepaalde maand negatief is, wordt dit bedrag in mindering gebracht.

Een onderneming die warmte, opgewekt op basis van aardgas of elektriciteit aankoopt bij een aanverwante onderneming kan eveneens steun genieten.

Kleinverbruikers met jaarlijks uitgelezen tellers voor gas of elektriciteit kunnen gebruik maken van de rekenmodule voor de berekening van de maandelijkse verbruiken en kosten. 

Steuncategorieën

De steunpercentages en steunplafonds worden bepaald voor 3 categorieën van ondernemingen. De steunplafonds worden berekend op ondernemings- en groepsniveau.

Categorie A: ondernemingen in het algemeen

Dit zijn alle zelfstandigen (eenmanszaken) en alle rechtspersonen waarvoor het totaal van de energie-uitgaven in 2021 minder dan 3% bedroeg van de omzet in 2021. 

Categorie B: energie-intensieve ondernemingen

Energie-intensieve ondernemingen (definitie zie hoger) komen in aanmerking voor verhoogde steun op voorwaarde dat ze voldoen aan alle voorwaarden.

Voor categorie B komen enkel rechtspersonen die een jaarrekening hebben neergelegd voor 2019, 2020 en 2021 en voor het kalenderjaar 2022 en 2023 een jaarrekening zullen neerleggen, in aanmerking.

Categorie C: energie-intensieve ondernemingen die actief zijn in een of meer bijzonder getroffen sectoren en subsectoren zoals opgenomen als bijlage I bij het tijdelijk crisiskader Oekraïne

De bijzonder getroffen sectoren betreffen onderdelen van de chemiesector, de staalsector, de papierindustrie, de voedingsindustrie, de textielsector, de glasindustrie, de farmaceutische industrie, de fabricage van keramische producten, de bewerking van metalen en de productie van bouwmaterialen.

Een onderneming is actief in een vermelde sector of subsector als ze over een overeenstemmende RSZ- of btw-NACE-code beschikt in de KBO of indien een of meer van de activiteiten die zij uitoefent behoort tot vermelde sector of subsector meer dan 50% van haar omzet in 2021 heeft gegenereerd.

Energie-intensieve ondernemingen die actief zijn in een of meer bijzonder getroffen (sub)sectoren, zoals bepaald in het tijdelijk crisiskader Oekraïne, komen in aanmerking voor verhoogde steun op voorwaarde dat ze voldoen aan alle voorwaarden. 

Voor categorie C komen enkel rechtspersonen die een jaarrekening hebben neergelegd voor 2019, 2020 en 2021 en voor het kalenderjaar 2022 en 2023 een jaarrekening zullen neerleggen, in aanmerking.

Steunpercentages per categorie
Categorie  Subsidie Beperkingen

A


25% van de in aanmerking komende meerkost

  • Het verschil tussen 70% van de referentie-EBITDA (1/4e van de EBITDA van het kalenderjaar 2021) en de EBITDA van de onderneming van de steunperiode (het eerste kwartaal van 2023). Indien de referentie-EBITDA negatief was, mag de steun niet leiden tot een positieve EBITDA in de steunperiode.
  • Het maximale steunbedrag voor de onderneming en op groepsniveau bedraagt € 500.000.

B*

30% van de in aanmerking komende meerkost
  • Het verschil tussen 70% van de referentie-EBITDA (1/4e van de EBITDA van het kalenderjaar 2021) en de EBITDA van de onderneming van de steunperiode (het eerste kwartaal van 2023). Indien de referentie-EBITDA negatief was, mag de steun niet leiden tot een positieve EBITDA in de steunperiode.
  • Het maximale steunbedrag voor de onderneming en op groepsniveau bedraagt € 4.000.000.

C*

35% van de in aanmerking komende meerkost
  • Het verschil tussen 70% van de referentie-EBITDA (1/4e van de EBITDA van het kalenderjaar 2021) en de EBITDA van de onderneming van de steunperiode (het eerste kwartaal van 2023). Indien de referentie-EBITDA negatief was, mag de steun niet leiden tot een positieve EBITDA in de steunperiode.
  • Het maximale steunbedrag voor de onderneming en op groepsniveau bedraagt € 7.500.000.

*Steun voor één of meerdere bedrijfstakken van een energie-intensieve onderneming

Energie-intensieve ondernemingen die op ondernemingsniveau geen daling van de EBITDA van minstens 50% hebben, maar wel van minstens 40% en een operationeel verlies hebben op niveau van één of meerdere bedrijfstakken, kunnen voor deze bedrijfstak(ken) steun krijgen.

De onderneming behoort tot categorie B: 

  • De steun bedraagt 30% van de in aanmerking komende meerkost en wordt beperkt tot het verschil tussen 70% van de referentie-EBITDA (1/4e van de EBITDA van het kalenderjaar 2021) en de EBITDA van de onderneming van de steunperiode (het eerste kwartaal van 2023).
  • Indien de referentie-EBITDA negatief was, mag de steun niet leiden tot een positieve EBITDA in de steunperiode.
  • Het maximale steunbedrag voor energie-intensieve ondernemingen die steun aanvragen voor één of meerdere bedrijfstakken bedraagt € 3.000.000 voor de onderneming en op groepsniveau.

De onderneming behoort tot categorie C: 

  • De steun per bedrijfstak bedraagt 35% van de in aanmerking komende meerkost en wordt beperkt tot het verschil tussen 70% van de referentie-EBITDA (1/4e van de EBITDA van het kalenderjaar 2021) en de EBITDA van de onderneming van de steunperiode (het eerste kwartaal van 2023) bedraagt.
  • Indien de referentie-EBITDA negatief was, mag de steun niet leiden tot een positieve EBITDA in de steunperiode.
  • Het maximale steunbedrag voor een energie-intensieve onderneming die actief is in een of meer bijzonder getroffen sectoren en subsectoren en die steun aanvraagt voor een of meerdere bedrijfstakken bedraagt € 5.625.000 voor de onderneming en op groepsniveau.

Cumulatie

Deze steun kan niet worden gecombineerd met:

  • Strategische Transformatiesteun (STS): je kan deze steun niet cumuleren met STS aangevraagd in 2023. Je kan wel in 2023 een STS-aanvraag indienen, maar deze wordt niet behandeld zolang de energiesteunaanvraag in behandeling is. Indien de aanvragende onderneming energiesteun ontvangt, wordt de STS-aanvraag onontvankelijk verklaard. Voor Superstrategische Transformatiesteun, die steeds door de Vlaamse Regering beoordeeld moet worden, geldt een uitzondering.
  • Kmo-groeisubsidie: je kan deze steun slechts beperkt cumuleren met steun in het kader van de kmo-groeisubsidie. Je kan een kmo-groeisubsidie aanvragen, maar deze wordt niet behandeld zolang de energiesteunaanvraag in behandeling is. Vanaf de start van de steunperiode tot 12 maanden na het verlopen van de laatste steunperiode, wordt het ontvangen energiesteunbedrag in mindering gebracht van het maximale steunbedrag onder de kmo-groeisubsidie. 

  • Andere subsidies die de Vlaamse overheid verleent als tegemoetkoming voor sterk verhoogde energiekosten.

 Je kan deze steun wel cumuleren met de Overbruggingslening energie.

Aanvraagprocedure

De aanvraag zal vanaf half april mogelijk zijn

De subsidie kan online worden aangevraagd sinds 24 april 2023 tot en met 30 juni 2023 (12u). Lees aandachtig de handleiding (zie documenten) vooraleer je de steun aanvraagt.

Een onderneming dient één enkele aanvraag in te dienen voor de gezamenlijke energiekosten van al haar vestigingen of bedrijfstakken.

Heb je nog nooit een subsidie aangevraagd bij VLAIO, bekijk dan alvast de procedure die moet worden gevolgd: Hoe vraag je energiesteun 2 aan ? > Nog nooit een subsidie aangevraagd bij VLAIO?

Stavingsdocumenten

Een overzicht van welke gegevens en stavingstukken je nodig hebt om de aanvraag in te dienen zal je kunnen terugvinden in de rubriek Hoe vraag je energiesteun 2 aan?

Daar vind je tevens een rekenmodule voor 'Kleinverbruikers met jaarlijks uitgelezen tellers voor gas of elektriciteit' voor de berekening van de maandelijkse verbruiken en kosten.

Belastingvrijstelling

De vergoedingen/steunmaatregelen die de gemeenschappen, gewesten, provincies of gemeenten en steden toekennen voor de economische gevolgen die belastingplichtigen ondervinden naar aanleiding van de energiecrisis zijn belastingvrij in de personen- en vennootschapsbelasting. Meer informatie kan je terugvinden op VLAIO Veelgestelde vragen: Welke subsidies worden vrijgesteld van belasting.

Blijf op de hoogte

Wil je op de hoogte blijven van wijzigingen van deze maatregel en andere maatregelen in de Subsidiedatabank? Dat kan via de gratis 'Nieuwsbrief van de Subsidiedatabank'.