Nog te vervangen

Je statuut als zelfstandige

Statuut van student-zelfstandige

Het statuut van student-zelfstandige is een volledig nieuw statuut. Het verving de regeling waarbij studenten met een zelfstandige activiteit gelijkgesteld konden worden met een zelfstandige in bijberoep voor de betaling van sociale bijdragen. Opgelet: Verwar niet met het interne, instellingsspecifieke statuut student-ondernemer.

Voorwaarden van het statuut

  • je bent tenminste 18 en ten hoogste 25 jaar
  • je bent ingeschreven om regelmatig de lessen te volgen in een Belgische of buitenlandse onderwijsinstelling om een diploma (maar ook attest, getuigschrift, creditbewijs of certificaat) te behalen dat erkend is door een bevoegde overheid
  • je bent ingeschreven voor ten minste 27 studiepunten of tenminste 17 lesuren per week. Uitzonderingen: het is niet vereist aan 27 studiepunten of 17 lesuren te komen als je in een bepaalde periode de lessen niet volgt o.w.v.:
    • de verplichte stageperiodes, nodig voor het behalen van een wettelijk erkend diploma, attest of brevet
    • de voorbereiding voor een eindverhandeling tot de indiening van de verhandeling (gedurende maximum een jaar). Het is daarbij wel van belang dat het gaat over een eerste indiening.
  • je hebt een zelfstandige beroepsactiviteit of zal deze hebben; je mag daarbij niet onder het gezag van een werkgever vallen

Zit je nog in het secundair onderwijs? Ook dan kan je het statuut student-zelfstandige krijgen, vanaf het kwartaal waarin je 18 jaar wordt, als je ook aan de andere voorwaarden voldoet. Kijk hier voor de lijst met erkende Belgische onderwijsinstellingen.

Ben je een buitenlandse student die aan alle voorwaarden voldoet, kom je ook in aanmerking voor het statuut student-zelfstandige.

Tip: Informeer bij twijfel vooraf goed bij het sociaal verzekeringsfonds of je aan de voorwaarden voldoet.

Sociale plichten van de student-zelfstandige

Elke zelfstandige is onderworpen aan het sociaal statuut van de zelfstandige. Elke zelfstandige, bestuurder, werkende vennoot, zaakvoerder (behalve bij een onbezoldigd mandaat), … moet zich aansluiten bij een sociaal verzekeringsfonds naar keuze of bij de Nationale Hulpkas voor Sociale Verzekeringen der Zelfstandigen. De bijdrageplicht begint vanaf de eerste dag van het kwartaal waarin hij de zelfstandige activiteit opstart.

Student-zelfstandigen genieten onder bepaalde voorwaarden voordeliger tarieven:

  • bij een netto belastbaar inkomen lager dan € 7.021,29 betaal je geen sociale bedragen,
  • vanaf € 7.021,29 tot € 14.042,57 betaal je 20,5% op het inkomen boven het grensbedrag,
  • ligt je inkomen hoger dan € 14.042,57 dan betaal je dezelfde bijdragen als een zelfstandige in hoofdberoep.

Voorbeeld

Stel dat je netto-belastbaar jaarinkomen € 10.000 is. Dan betaal je op de onderste schijf van € 7.021,29 geen sociale bijdragen en op het gedeelte € 10.000 - € 7.021,29 betaal je 20,5% sociale bijdragen.

Opgelet: vergeet niet om iedere wijziging van je situatie te melden aan je sociaal verzekeringsfonds. Het gaat bijvoorbeeld om de vermindering van het aantal studiepunten of lesuren, de uitoefening van een andere halftijdse beroepsactiviteit, de verandering van onderwijsinstelling, de beëindiging van je studies, studies in het buitenland, de beëindiging van de begeleiding van je ondernemingsproject door je onderwijsinstelling, enz

Welke sociale rechten heeft de student-zelfstandige?

Je staat voor je sociale zekerheid ten laste van je ouders. Je hebt enkel beperkte sociale rechten op het vlak van gezondheidszorg en arbeidsongeschiktheid. Je bouwt voor die jaren geen eigen pensioenrechten op.

Betaal je toch de bijdragen van een hoofdberoep? Dat is wanneer het netto belastbaar jaarinkomen meer bedraagt dan € 14.042,57. Dan geniet ook jij dezelfde rechten als een zelfstandige in hoofdberoep.

Aanvraag van het statuut en controle van de voorwaarden

De student moet de aanvraag van het statuut student-zelfstandige doen bij de sociale verzekeringsfondsen of de Nationale Hulpkas voor Sociale Verzekeringen der Zelfstandigen.

Let op! De algemene vereisten om te starten als zelfstandige blijven gelden. Voldoe je aan de voorwaarden om te mogen starten? Ben je in orde met alle vergunningen? Kijk zeker ook de aandachtspunten voor je opstart na!

De student zorgt ervoor dat volgende formulieren ingevuld worden:

  • door de student: het aanvraagformulier voor het statuut van student-zelfstandige, met daarin de verklaring dat hij regelmatig de lessen zal volgen (voor een nog niet beëindigd academiejaar én voor ieder academiejaar opnieuw aan te vragen)
  • door de onderwijsinstelling: het attest van inschrijving dat deze gegevens bevat:
    • de inschrijving van de student in de genoemde instelling voor een bepaald school- of academiejaar
    • het type gevolgde studies
    • het aantal studiepunten of het aantal lesuren per week

De sociale verzekeringsfondsen hebben niet langer toegang tot het kinderbijslagkadaster, waardoor de onderwijsinstellingen zelf het attest van inschrijving moeten afleveren. In sommige instellingen kan je als student zelf een inschrijvingsbewijs met authentieke code als bewijs van echtheid downloaden. Een voorbeeld van de Universiteit Gent.

Op het einde van het school- of academiejaar moet je bewijzen dat je regelmatig de lessen volgde. Dit kan je op verschillende manieren bewijzen:

  • een attest van de onderwijsinstelling dat de student aanwezig is geweest tijdens de lessen OF
  • door deel te nemen aan de examens voor 27 studiepunten of 17 lesuren. Je hoeft niet geslaagd te zijn, enkel effectieve deelname is vereist. Je 'puntenbriefje' moet wel aantonen dat je voor vakken overeenstemmend met minstens 27 studiepunten (of 17 lesuren) een cijfer hoger dan 0 behaalde. Als dit niet het geval is, volstaat een attest van de onderwijsinstelling dat je aanwezig was bij de examens OF
  • de onderwijsinstelling begeleidde de student in zijn ondernemingsproject.
    Opgelet: het hebben van een statuut ‘student-ondernemer’ (met allerlei faciliteiten) is niet voldoende om het statuut student-zelfstandige te krijgen. Het moet gaan om een specifieke begeleiding bij een ondernemingsproject.
    Voor studenten die begeleid worden in een ondernemingsproject door hun onderwijsinstelling, moet er op het einde van het school-of academiejaar geen bijkomend attest meer voorgelegd worden of een puntenblad waarin wordt aangegeven dat de student aanwezig was in de lessen of deelgenomen heeft aan de examens.

Ben je door overmacht verhinderd om regelmatig de lessen te volgen of aanwezig te zijn op examens? Dan moet je dat aantonen met een verantwoordingsstuk.

Wanneer eindigt het statuut van student-zelfstandige?

Het statuut van student-zelfstandige eindigt:

  • vanaf het kwartaal waarin je niet meer aan alle voorwaarden (betreffende je studies of activiteit) voldoet
  • wanneer je afstudeert; dit is niet automatisch het einde van het academiejaar:
    • als je afstudeert in juni, kan je het statuut behouden tijdens het derde kwartaal
    • als je afstudeert in januari, eindigt het statuut vanaf het eerste kwartaal (omdat je vanaf dat kwartaal niet meer aan de voorwaarden voldoet)
  • uiterlijk op 30 september van het kalenderjaar waarin je 25 wordt. Wanneer je de leeftijd van 25 jaar bereikt in het midden van het academiejaar, kan je tot het einde van het academiejaar het statuut van student-zelfstandige genieten. Verjaar je na 30 september, stopt het statuut student-zelfstandige sowieso op 30 september, ook al voldoe je aan alle andere voorwaarden.

Wat als je afstudeert en de onderneming wil verderzetten? 

Er kunnen zich 3 scenario’s voordoen.

1. Je zet de onderneming verder als hoofdberoep

Vanaf het kwartaal waarin je niet meer aan de voorwaarden van het statuut student-zelfstandige voldoet, ben je een zelfstandige in hoofdberoep. Je moet het sociaal verzekeringsfonds hiervan op de hoogte brengen. 

2. Je combineert ondernemen met een job als werknemer

Is de activiteit in loondienst minstens een halftijdse betrekking? Dan kan je als zelfstandige in bijberoep beschouwd worden. Wanneer deze wijziging in de loop van een kwartaal plaatsvindt, heeft ze pas uitwerking vanaf het daaropvolgende kwartaal.

3. Je combineert ondernemen met een inschrijving als werkzoekende

Als je jezelf na de studies als werkzoekende inschrijft, heb je niet onmiddellijk recht op een werkloosheidsvergoeding. Je moet eerst een beroepsinschakelingstijd doorlopen. De dagen als zelfstandige zullen in principe meetellen voor de beroepsinschakelingstijd.

Statuut student-zelfstandige versus faciliteiten student-ondernemer

Het interne, instellingsspecifieke 'statuut student-ondernemer' binnen een hoger onderwijsinstelling is niet hetzelfde als het sociaal-fiscale statuut student-zelfstandige!

Heel wat hoger onderwijsinstellingen bieden studenten via dit instellingsspecifieke ‘statuut student-ondernemer’ onder bepaalde voorwaarden faciliteiten (zoals het kunnen verzetten van examens of stages, ….). Die studenten zijn ofwel al ondernemer, of zijn ze hun idee aan het uitwerken en worden zij mogelijk ondernemer. Dit instellingseigen ‘statuut’ (eigenlijk faciliteiten) heeft geen juridische gevolgen. Ondernemende studenten kunnen zo hun studieverplichtingen beter afstemmen op hun zelfstandige activiteit.


Welke ondersteuning mogelijk is en tegen welke voorwaarden verschilt sterk van instelling tot instelling. Hieronder vind je per instelling de link naar meer info over de faciliteiten die student-ondernemers kunnen genieten.

Hogescholen:

Universiteiten:

Meer informatie

Het Rijksinstituut voor de Sociale Verzekeringen der Zelfstandigen (RSVZ): www.rsvz.be

De FAQ-lijst van de FOD Sociale Zekerheid.

Je kan voor je aansluiting en met al je vragen over het statuut terecht bij: