Brownfieldconvenanten blijven sterke hefboom voor herontwikkeling in Vlaanderen
De nieuwe evaluatiestudie van het beleid rond brownfieldconvenanten bevestigt dat dit instrument van de Vlaamse overheid een sterke en relevante hefboom blijft om complexe, onderbenutte of verwaarloosde sites in Vlaanderen opnieuw te ontwikkelen. Vooral de bemiddeling door de Vlaamse overheid en de procesmatige meerwaarde springen in het oog. Ook de bijdrage aan maatschappelijke thema’s zoals duurzaam ruimtegebruik en klimaatadaptie valt op. Het evenwicht tussen die maatschappelijke meerwaarde en de financiële haalbaarheid is een belangrijk aandachtspunt.
Sinds de start van het beleid in 2007 werden 276 aanvragen ingediend, 150 convenanten werden ondertekend, 40 projecten zijn intussen gerealiseerd. Neem hier een kijkje naar enkele gerealiseerde projecten.
Wat zijn brownfields?
Brownfields zijn verwaarloosde, verontreinigde en/of onderbenutte terreinen. Ooit floreerden er auto- en papierfabrieken, textielbedrijven, steenbakkerijen en tal van andere productieactiviteiten. Door veranderende technologieën, schaalvergroting, verplaatsing van productie of internationale concurrentie verdwenen veel van die activiteiten uit het Vlaamse landschap. De terreinen blijven verwaarloosd en soms zwaar vervuild achter. De herontwikkeling ervan biedt heel wat voordelen: open ruimte wordt niet aangesneden, nieuwe jobs ontstaan, een verwaarloosde buurt wordt nieuw leven in geblazen, meer sociale cohesie, extra lokale inkomsten, ….
Maar zo’n herontwikkeling is vaak heel complex. Daarom biedt de Vlaamse Regering via het instrument brownfieldconvenanten verschillende voordelen op administratief-juridisch en financieel vlak die de drempels kunnen wegwerken. Overheden en ontwikkelaars maken via zo’n convenant afspraken over een kader waarbinnen de herontwikkeling kan plaatsvinden, de ambities die gesteld worden en wie welke engagementen opneemt.
Sterk proces
Uit de studie 'Evaluatie van het brownfieldconvenantenbeleid - eindrapport 17 juli 2026' die VLAIO recent liet uitvoeren blijkt dat brownfieldconvenanten erin slagen om publieke en private actoren rond de tafel te brengen en complexe herontwikkelingsprojecten vooruit te helpen. Vooral de procesmatige meerwaarde springt in het oog: het convenant creëert een kader voor overleg, afstemming en samenwerking tussen ontwikkelaars, lokale besturen en Vlaamse administraties. De contactpersonen bij de Vlaamse overheid spelen een sleutelrol door knelpunten bespreekbaar te maken, partijen te verbinden en continuïteit te brengen in trajecten die vaak meerdere jaren lopen.
Bijdrage aan maatschappelijke thema’s
De evaluatie onderstreept dat het instrument is meegegroeid met veranderende maatschappelijke verwachtingen. Aanvankelijk lag de focus sterk op sanering en reconversie, vandaag dragen brownfieldprojecten ook bij aan duurzaam ruimtegebruik, klimaatadaptatie, opwaardering van erfgoed, toepassingen voor hernieuwbare energie, een betere leefkwaliteit en geïntegreerde gebiedsontwikkeling. In een Vlaanderen waar de druk op de open ruimte groot blijft, bieden brownfieldprojecten kansen om meer te doen met reeds ingenomen ruimte.
Deze evaluatie bevestigt dat brownfieldontwikkeling ondanks een zekere mate van complexiteit toch vooruitgang kan boeken door samenwerking met de overheid. Het instrument werkt, maar kan nog sterker worden ingezet als kwaliteitskader voor duurzame en toekomstgerichte herontwikkeling. We willen niet alleen moeilijke sites opnieuw in circulatie brengen, we willen ze vooral laten uitgroeien tot plekken met economische, ruimtelijke en maatschappelijke meerwaarde.
Ruimte voor economische activiteiten
Ook het vrijwaren van ruimte voor economische activiteiten behoort tot die maatschappelijke ambities. Brownfieldontwikkeling is vaak risicovol, complex en duur. Dat komt onder meer door sanering, eigendomsstructuren, vergunningstrajecten en de afstemming tussen verschillende partijen. Daardoor dreigt de invulling met productieve economie onder druk te komen, zeker als residentiële ontwikkeling financieel aantrekkelijker is en een hogere opbrengst genereert.
Net daarom is gerichte aandacht nodig voor bedrijven, maakindustrie en andere vormen van productieve economie. Door bestaande sites opnieuw economisch te activeren, kunnen brownfields bijdragen aan werkgelegenheid, lokale dynamiek en duurzaam ruimtegebruik, zonder bijkomende open ruimte aan te snijden.
Het instrument werkt, en daarom moeten we het ook blijven verbeteren. Elke site is anders en vraagt maatwerk. Maar de ambitie is duidelijk: we willen moeilijke plekken opnieuw in beweging krijgen en ze laten uitgroeien tot plaatsen met economische, ruimtelijke en maatschappelijke meerwaarde.
Verbeterpunten
Tegelijk benoemt het rapport ook duidelijke verbeterpunten. Zo is nood aan sterkere monitoring van projectresultaten en maatschappelijke effecten, betere doorstroming van informatie tussen administraties, meer duidelijkheid over rollen en mandaten, en een meer systematische aanpak van participatie en communicatie. De administratieve procedures kunnen eenvoudiger en de positionering ten opzicht van andere faciliterende instrumenten voor gebiedsontwikkeling vraagt verduidelijking.
Een belangrijk aandachtspunt is het evenwicht tussen financiële haalbaarheid en gerichte sturing op maatschappelijke meerwaarde. Brownfieldprojecten moeten voldoende perspectief bieden voor private investeringen, maar tegelijk bijdragen aan Vlaamse beleidsambities zoals duurzaam ruimtegebruik, ruimte voor economie, klimaatbestendigheid, leefkwaliteit en sociale meerwaarde. Elk project vraagt daarom maatwerk, waarbij flexibiliteit nodig blijft, maar de maatschappelijke ambities vroeger en explicieter in het traject worden benoemd, afgewogen en opgevolgd.
VLAIO neemt de aanbevelingen uit het rapport mee in de verdere versterking van het brownfieldconvenantenbeleid. Samenwerking tussen overheden, lokale besturen, ontwikkelaars en andere partners blijft daarbij centraal staan.
Download hier de studie 'Evaluatie van het brownfieldconvenantenbeleid - eindrapport 17 juli 2026'.