Vrijstelling doorstorting bedrijfsvoorheffing voor onderzoekers

Laatst gewijzigd op 8 jun 2018 (Alle wijzigingen)

Samengevat

Voor wie
ondernemingen, kennisinstellingen & Young Innovative Companies
Voor wat
bedrijfsvoorheffing op bezoldigingen van onderzoekers
Vrijstelling doorstorting
80% (40% voor bachelors) moet niet worden doorgestort aan de fiscus

Wat houdt de maatregel in

Werkgevers uit de privé sector en kennisinstellingen worden vrijgesteld om 80% van de verschuldigde bedrijfsvoorheffing op de lonen van onderzoekers die zij tewerkstellen door te storten aan de fiscus.

Ingevolge de fiscale hervorming is deze maatregel sinds 1 januari 2018 uitgebreid naar een aantal bachelordiploma's. Voor deze diploma's zal de vrijstelling slechts gelden voor 40% van de verschuldigde bedrijfsvoorheffing en beperkt tot 50% van het totale bedrag van de vrijstelling zoals toegepast voor de werknemers met een specifiek master- en/of doctordiploma voor kleine vennootschappen. Voor de overige ondernemingen wordt dit beperkt tot 25% van het totale bedrag van de vrijstelling zoals toegepast voor de werknemers met een specifiek master- en/of doctordiploma.
Vanaf 2020 zal de vrijstelling voor de bachelordiploma's worden opgetrokken tot 80%

Wie komt in aanmerking

De vrijstelling kan aangevraagd worden door:
  • Universiteiten, hogescholen, door de minister erkende wetenschappelijke instellingen, het Nationaal Fonds voor Wetenschappelijk Onderzoek (NFWO) en het Fonds voor Wetenschappelijk Onderzoek – Vlaanderen (FWOV);
  • Ondernemingen die bezoldigingen uitbetalen of toekennen aan onderzoekers met een diploma PhD, burgerlijk ingenieur, industrieel ingenieur en bepaalde masterdiploma’s of bachelordiploma's;
  • Ondernemingen die bezoldigingen uitbetalen of toekennen aan onderzoekers die aan onderzoeksprojecten werken in het kader van samenwerkingsovereenkomsten afgesloten met universiteiten of hogescholen in de EER of met erkende wetenschappelijke instellingen;
  • Jonge innoverende ondernemingen (Young Innovative Company) die wetenschappelijk personeel (onderzoekers, onderzoekstechnici, projectbeheerders inzake onderzoek en ontwikkeling) tewerkstellen. Deze vrijstelling is niet mogelijk voor administratief of commercieel personeel.

Vzw’s komen enkel in aanmerking voor deze maatregel indien zij door de minister erkend worden als wetenschappelijke instelling.

Young Innovative Company (YIC) 

Een onderneming voldoet aan de definitie van YIC als de vennootschap:

  • onderzoeksprojecten uitvoert;
  • minder dan 10 jaar bestaat voor 1 januari van het jaar waarin de vrijstelling van doorstorting bedrijfsvoorheffing wordt toegekend;
  • niet opgericht is in het kader van een concentratie, een herstructurering, een uitbreiding van een vroegere activiteit of een overname van dergelijke activiteiten;
  • uitgaven heeft gedaan op het vlak van onderzoek en ontwikkeling die minstens 15% van de totale kosten van het voorgaande belastbaar tijdperk vertegenwoordigen;
  • voldoet aan de definitie van kleine vennootschap (zie verder).

Wanneer de vennootschap aan het eind van een belastbaar tijdperk niet langer voldoet aan de definitie van Young Innovative Company mag de vrijstelling van doorstorting van de bedrijfsvoorheffing niet meer toegepast worden op de bezoldigingen toegekend of betaald vanaf de eerstvolgende maand.

Definitie kleine vennootschap

Voor deze maatregel blijft de oude definitie van kleine vennootschappen behouden: kleine vennootschappen zijn vennootschappen die voor het laatst afgesloten boekjaar niet meer dan één van de volgende criteria overschrijden:

  • jaargemiddeld personeelsbestand: 50 werknemers;
  • jaaromzet exclusief btw: € 7.300.000;
  • balanstotaal: € 3.650.000.

Wanneer het jaargemiddelde van het personeelsbestand meer dan 100 bedraagt, wordt de vennootschap niet meer aanzien als kleine vennootschap.

Welke diploma's komen in aanmerking

Masterdiploma's in de Vlaamse Gemeenschap:
  • wetenschappen;
  • toegepaste wetenschappen;
  • toegepaste biologische wetenschappen;
  • geneeskunde, dierengeneeskunde;
  • farmaceutische wetenschappen;
  • biomedische wetenschappen;
  • industriële wetenschappen;
  • technologie en nautische wetenschappen;
  • biotechniek;
  • architectuur;
  • productontwikkeling.
Bachelordiploma's in de Vlaamse Gemeenschap:
  • Academische bachelors: deze dienen behaald te zijn in één van de studiegebieden zoals bepaald voor masterdiploma’s (of gelijkwaardig). 
  • Professionele bachelordiploma's: 
    • biotechniek;
    • gezondheidszorg;
    • industriële wetenschappen en technologie;
    • handelswetenschappen en bedrijfskunde (gericht op informatica en innovatie).

Wat komt in aanmerking

Onderzoeks- of ontwikkelingsprojecten of -programma's zijn projecten of programma's die volgend doel hebben:

  • fundamenteel onderzoek: experimentele of theoretische activiteiten die voornamelijk worden verricht om nieuwe kennis te verwerven over de fundamentele aspecten van verschijnselen en waarneembare feiten, zonder dat hiermee een rechtstreekse praktische toepassing of gebruik wordt beoogd;
  • industrieel onderzoek: planmatig of kritisch onderzoek dat is gericht op het opdoen van nieuwe kennis en vaardigheden met het oog op de ontwikkeling van nieuwe producten, procedés of diensten, of om bestaande producten, procedés of diensten aanmerkelijk te verbeteren. Het omvat de vervaardiging van onderdelen van complexe systemen, die noodzakelijk is voor industrieel onderzoek, met name voor de validering van generale technologieën, met uitzondering van prototypes;
  • experimentele ontwikkeling: het verwerven, combineren, vormgeven en gebruiken van bestaande wetenschappelijke, technische, zakelijke en andere kennis en vaardigheden voor plannen, schema's of ontwerpen van nieuwe, gewijzigde of verbeterde producten, procedés of diensten. Hieronder kan tevens de conceptuele formulering en het ontwerp van alternatieve producten, procedés of diensten worden verstaan en het vastleggen van informatie daarover. Deze activiteiten kunnen tevens het maken van ontwerpen, tekeningen, plannen en andere documentatie omvatten, mits zij niet voor commercieel gebruik zijn bestemd.

De ontwikkeling van commercieel bruikbare prototypes en proefprojecten valt eveneens onder experimentele ontwikkeling indien het prototype noodzakelijkerwijs het commerciële eindproduct is en de productie ervan te duur is om alleen voor demonstratie en validatiedoeleinden te worden gebruikt.
Onder experimentele ontwikkeling wordt niet verstaan routinematige of periodieke wijziging van bestaande producten, productielijnen, fabricageprocessen, diensten en andere courante werkzaamheden, zelfs indien deze wijzigingen verbeteringen kunnen inhouden.

Omvang steun

De steun bestaat er in dat de werkgevers vrijgesteld worden om een bepaald percentage van de verschuldigde bedrijfsvoorheffing op de bovenvermelde masterdiploma’s (en eventueel bovenvermelde bachelordiploma's) door te storten aan de fiscus. 

 

  kleine vennootschappen andere vennootschappen
Masterdiploma’s vrijstelling van 80% vrijstelling van 80%
Bachelordiploma’s

vrijstelling van 40%  (beperkt tot 50% van het totale bedrag van de vrijstelling zoals toegepast voor de werknemers met een specifiek master- en/of doctordiploma)

vrijstelling van 40% (beperkt tot 25% van het totale bedrag van de vrijstelling zoals toegepast voor de werknemers met een specifiek master- en/of doctordiploma)

Vanaf 2020 zal de vrijstelling voor de bachelordiploma's worden opgetrokken tot 80%

Uitgezonderd voor de assistent-onderzoekers en post-doctorale onderzoekers aan universiteiten, hogescholen, erkende wetenschappelijke instellingen, enz. moet deze vrijstelling pro rata toegepast worden in verhouding tot de tijd die de betreffende personen effectief hebben besteed aan onderzoek of aan onderzoeks- en ontwikkelingsprojecten of -programma’s.

Bijkomende voorwaarden

De projecten of programma's komen enkel in aanmerking wanneer ze zijn aangemeld bij de Programmatorische Federale Overheidsdienst Wetenschapsbeleid met opgave van:

  • 1° de identificatie van de schuldenaar van de bedrijfsvoorheffing;
  • 2° de beschrijving van het project of programma waarbij wordt aangetoond dat het fundamenteel onderzoek, industrieel onderzoek of experimentele ontwikkeling tot doel heeft;
  • 3° de verwachte aanvangsdatum en de vooropgestelde einddatum van het project of programma.

De onderneming kan aan de Programmatorische Federale Overheidsdienst Wetenschapsbeleid vragen of de voorgelegde onderzoeks- en/of ontwikkelingsprojecten of -programma's vallen binnen het toepassingsgebied. De Overheidsdienst geeft een bindend advies op deze vraag.