Vrijstelling doorstorting bedrijfsvoorheffing in steunzones

Laatst gewijzigd op 4 sep 2018 (Alle wijzigingen)

Samengevat

Voor wie
kmo's & grote ondernemingen
Voor wat
bedrijfsvoorheffing op bezoldigingen van bijkomende tewerkstelling ingevolge investeringen in een bepaalde steunzone
Vrijstelling doorstorting
van 25% voor een periode van 2 jaar

Wat houdt de maatregel in

Bedrijven die investeren in een afgebakende steunzone (ook wel ‘ontwrichte zone’ genoemd) kunnen een vrijstelling van 25% van de doorstorting van bedrijfsvoorheffing bekomen, gedurende een periode van 2 jaar per extra arbeidsplaats die als gevolg van deze investering werd gecreëerd en die gedurende ten minste drie jaar (kmo's) of vijf jaar (grote ondernemingen) behouden blijft.

Overheden mogen maatregelen nemen om zones die getroffen worden door zware collectieve ontslagen economisch te ondersteunen. Vlaanderen heeft momenteel twee zones afgebakend (één rond Genk en één rond Turnhout) en heeft ook de procedure opgestart om een steunzone rond Zaventem te laten erkennen.

Het voordeel komt overeen met een besparing van 4 à 5% op de loonkost en geldt ook indien er werkgelegenheid wordt overgenomen als gevolg van investeringen bij overname van een onderneming die anders mogelijk zou verdwijnen.

Op 10 augustus 2018 werd een wet gepubliceerd, die de regelgeving toegankelijker maakt. Deze wijzigingen gaan in vanaf 1 september 2018. De belangrijkste wijzigingen voor ondernemingen zijn: 1. Ondernemingen die extra werkgelegenheid creëren zullen vanaf 1 september ook de investering(en) kunnen laten uitvoeren door een andere vennootschap die deel uitmaakt van dezelfde groep. Voorheen diende de investering en extra tewerkstelling binnen dezelfde vennootschap te gebeuren. Er moet wel nog steeds een verband worden aangetoond tussen de investering en de nieuwe arbeidsplaat(en);
2. Versoepeling van de indieningstermijn van het aanvraagformulier: ondernemingen kunnen sinds 1 september 2018 tot 3 maanden na voltooiing van de investering (maar wel nog steeds vóór de indienstneming van de extra werknemers) hun aanvraag indienen. Voorheen diende dit te gebeuren vóór de start van de investeringen.

Wie komt in aanmerking

Het voordeel geldt voor kmo's en grote ondernemingen die in de afgebakende steunzone investeren én nieuwe werkgelegenheid creëren.

Afgebakende steunzones

De zones die momenteel in Vlaanderen zijn afgebakend, bevatten alle bedrijventerreinen binnen een straal van 40 km rondom Ford Genk en de getroffen vestigingen van Philips en Heinz in Turnhout, alsook de incubatoren en businesscenters en enkele gebieden met een brownfieldconvenant in deze regio. Hierdoor omvatten de beide zones zowel de gehele provincie Limburg, het grootste gedeelte van de provincie Antwerpen en ook delen van het arrondissement Leuven. De kaarten met de afbakening van deze zones kan u hier raadplegen: kaart ontwrichte zone Antwerpen - kaart ontwrichte zone Limburg

Op de website www.geopunt.be kan u zelf opzoeken of uw bedrijf gelegen is in een steunzone. Klik hiervoor rechts op 'bouwen en wonen', vervolgens op 'bedrijven' en vervolgens op 'steunzones...' en u ziet de inkleuring op de kaart verschijnen. U kan vervolgens ook in de zoekbalk uw adresgegevens ingeven voor gedetailleerde info.

Momenteel loopt er een procedure om ook een steunzone rond Zaventem te erkennen.

Definitie kmo's en grote ondernemingen

Kmo’s hebben in deze gehele zone recht op steun. Opgelet echter! Voor de definitie van kmo hanteert deze wetgeving haar eigen criteria, die voornamelijk gebaseerd zijn op de Europese kmo-definitie, doch waarbij de berekeningsmethode voor bepaling van het zelfstandigheidscriterium rekening houdt met de Belgische fiscale kmo-definitie. Concreet betekent dit:

  • dat het criterium tewerkstelling (max. 250 VTE) en het criterium omzet (max. € 50 miljoen) of balanstotaal (max. € 43 miljoen), in ten minste twee van de laatste drie afgesloten belastbare tijdperken niet mogen overschreden worden;
  • voor de berekeningsregels inzake zelfstandigheidscriterium, wordt verwezen naar de (nieuwe) federale bepalingen van de fiscale kmo-definitie (art. 15 § 3 tot 6 W. Venn.), wat belangrijk is inzake het bekijken van de samenhang met andere vennootschappen:
    • Voor verbonden ondernemingen (i.c. meerderheidsbelang) dienen de gegevens van tewerkstelling opgeteld te worden en de gegevens van balanstotaal en omzet geconsolideerd te worden;
    • Voor geassocieerde ondernemingen (vanaf 1/5de stemrechten) dienen de gegevens van tewerkstelling, omzet en balanstotaal enkel stroomopwaarts (moederfirma's) opgeteld te worden in relatie tot het percentage van de stemrechten, dan wel in relatie tot aandelenparticipatie (hoogste van de twee).
  • ondernemingen waarvan 25% of meer van het kapitaal of stemrechten in handen is van een overheid, kunnen geen kmo zijn.

Grote ondernemingen komen enkel in aanmerking voor deze steun, indien de steunzone samenvalt met de door Europa goedgekeurde 'regionale steunkaart' en indien de investering betrekking heeft op nieuwe vestigingen en nieuwe activiteiten van bestaande vestigingen. Gemeenten die in de regionale steunkaart 2014 – 2020 voor Vlaanderen vallen zijn:

  • In Antwerpen (3): Balen, Dessel en Mol;
  • In Limburg (24): As, Beringen, Bilzen, Borgloon, Bree, Dilsen-Stokkem, Genk, Ham, Hechtel-Eksel, Herstappe, Heusden-Zolder, Houthalen-Helchteren, Kinrooi, Lanaken, Leopoldsburg, Lommel, Lummen, Maaseik, Maasmechelen, Opglabbeek, Sint-Truiden, Tessenderlo, Tongeren, Zutendaal;
  • In Oost-Vlaanderen (7): Ronse en zes gemeenten in het arrondissement Eeklo;
  • In West-Vlaanderen 6): Diksmuide, Ieper, Lo-Reninge, Middelkerke, Oostende, Wervik.

Op de hierboven vermelde kaarten worden deze gemeenten lichtbruin ingekleurd.

Bijkomende voorwaarden

Ondernemingen komen enkel in aanmerking indien ze bijkomende arbeidsplaatsen creëren op een vestiging die in de afgebakende zone is gelegen. Eveneens dient er een duidelijke link te zijn tussen de investering en de betrokken vestiging.

Indien de investering wordt geactiveerd bij een andere firma dan degene die de extra tewerkstelling zal realiseren, dan moeten deze firma's deel uitmaken van dezelfde groep van ondernemingen.

Ondernemingen mogen niet in een wco-procedure zitten (‘wet op de continuïteit van ondernemingen’) en komen ook niet in aanmerking indien ten gevolge van geleden verlies het netto actief is gedaald tot minder dan de helft van het vast gedeelte van het maatschappelijk kapitaal;

Enkele sectoren worden uitgesloten: visserij- en aquacultuur en productie van landbouwproducten. Voor grote ondernemingen gelden er ook uitsluitingen voor de ijzer- en staalsector, synthetische vezels industrie, kolenindustrie, scheepsbouw, vervoerssector en daarmee verband houdende infrastructuur en de energieproductie, -distributie en energie-infrastructuur.

Wat komt in aanmerking

Om in aanmerking te komen dienen de investeringen in materiële of immateriële vaste activa, verband te houden met:

  • De oprichting van een nieuwe inrichting;
  • De uitbreiding van capaciteit van een bestaande inrichting (dit geldt niet voor grote bedrijven);
  • De diversificatie van de productie naar producten die voordien niet werden vervaardigd (voor grote bedrijven in de regionale steunkaart wordt dit vermeld als: ‘diversificatie van de activiteit van een inrichting, op voorwaarde dat de nieuwe activiteit niet dezelfde is als, of vergelijkbaar is met de activiteit die voordien werd uitgeoefend’);
  • Een fundamentele verandering in het totale productieproces van bestaande bedrijven (dit geldt niet voor grote bedrijven);
  • De overname van materiële of immateriële vaste activa van een (niet-geassocieerde) derde-werkgever wegens sluiting, gerechtelijke reorganisatie of faillissement (alle arbeidsplaatsen worden als nieuw beschouwd).

Omvang steun

De steun betreft een tijdelijke vrijstelling van het doorstorten van 25% bedrijfsvoorheffing op de bezoldigingen die betrekking hebben op nieuw gecreëerde arbeidsplaatsen:

  • die ontstaan ten gevolge van een investering;
  • die het totaal aantal werknemers verhoogt t.o.v. het gemiddeld aantal werknemers over 12 maanden voorafgaand aan de indiening van de steunaanvraag (voor aanvragen die ingediend werden vóór 1 september 2018 werd de referentieperiode berekend op basis van de 12 maanden voorafgaand aan de voltooiiing van de investering);
  • die ingevuld worden nà indiening van de steunaanvraag en binnen 36 maanden na de voltooiingsdatum van de investering;
  • die uitbetaald worden binnen de 2 jaar vanaf het ogenblik van invulling van de nieuwe arbeidsplaats.

Ter indicatie kan onderstaande berekening dienen, waarbij een bediende in dienst wordt genomen, die voltijds is tewerkgesteld, gehuwd is met een partner met beroepsinkomsten, geen personen ten laste heeft en recht heeft op vakantiegeld en een eindejaarspremie ter waarde van één maandwedde:

Brutoloon per maand
€ 2.000 € 3.000 € 4.000
Totaal steunbedrag over 24 maanden (incl. vakantiegeld en premie)
€ 3.006,85 € 5.734,14 € 8.736,24

Deze steun kan worden gecumuleerd met het systeem van ploegen- en nachtpremies, met het systeem van de gedeeltelijke vrijstelling in de vorm van een algemene structurele lastenverlaging (IPA-korting) en met de vrijstelling van doorstorting van bedrijfsvoorheffing voor startende ondernemingen, doch niet met andere vrijstellingen inzake doorstorting van bedrijfsvoorheffing (overwerk, onderzoekers, sportbeoefenaars, koopvaardij-, bagger- en sleepvaartsector, zeevisserij).

De vrijstelling is per investering beperkt tot maximum € 7,5 miljoen.

Voor grote ondernemingen dient er tevens rekening te worden gehouden met Europese steunplafonds indien de onderneming ook investeringssteun krijgt onder de vorm van Strategische Transformatiesteun (aangezien het maximum plafond van 10% steun niet overschreden mag worden).

Voorwaarde regionale steun geschrapt

Tot eind 2015 gold er een bijkomende voorwaarde: de federale steun (i.c. gedeeltelijke inhouding van de bedrijfsvoorheffing) werd enkel verleend indien er ook regionale steun werd toegekend voor dezelfde investering. Deze voorwaarde werd echter geschrapt, waardoor de maatregel veel soepeler toepasbaar geworden is.

Aanvraagprocedure

De aanvraag voor deze tegemoetkoming moet ingediend worden uiterlijk binnen de 3 maanden nà voltooiing van de investering en vooraleer de extra werknemers in dienst komen. Het aanvraagformulier kan je terugvinden op financien.belgium.be/sites/default/files/downloads/122-274-sz-20180903-nl.docx .

Het aanvraagformulier moet bij voorkeur per mail per verzonden worden naar de documentatiedienst van FOD Financiën (kmo.aalst.bv@minfin.fed.be ). Het (mail)adres kan je ook terugvinden op de eerste pagina in het aanvraagformulier.

De vrijstelling wordt definitief nadat aangetoond wordt dat de nieuwe arbeidsplaats gedurende ten minste 3 jaar behouden is gebleven (voor grote ondernemingen wordt de termijn bepaald op 5 jaar).

De vrijstelling zal niet verleend worden indien de timing van de verwachte voltooiing van de investering ruim overschreden wordt (voor dossiers die ingediend worden nà 1 september 2018 werd de maximale overschrijdingsduur op 6 maanden bepaald), of indien niet wordt aangetoond dat de nieuw gecreëerde arbeidsplaatsen betrekking hebben op de investering.

Sinds 1 september 2018 is het dan ook - meer dan vroeger - belangrijk om een goede keuze te maken i.v.m. de indieningsdatum van de aanvraag.

Contact

Afdeling / Dienst
Contactcenter
Adres

Koning Albert II-laan 33 bus 25
1030 Brussel
België

Telefoon