Investeringssteun groene warmte, restwarmte en warmtenetten

Laatst gewijzigd op 17 mei 2022 (Alle wijzigingen)

Samengevat

Voor wie
kmo's & grote ondernemingen
Voor wat
investeringen in productie van groene warmte, restwarmtegebruik of warmtenetten
Subsidie via oproep
van 30% tot 65% afhankelijk van het type en grootte onderneming

Wat houdt de maatregel in

Ondernemingen en entiteiten die in het Vlaamse Gewest investeren in installaties voor de productie van groene warmte, de benutting van restwarmte of voor warmtenetten, kunnen via een oproep subsidies ontvangen.

Jaarlijks worden er 1 tot 2 oproepen gelanceerd. De eerste oproep stond open vanaf 2 mei en sloot af op 16 mei 2022 met een budget van meer dan € 32 miljoen (onder voorbehoud). In het najaar 2022 wordt een call met een budget van € 10 miljoen (onder voorbehoud) georganiseerd.

Wie komt in aanmerking

Ondernemingen en andere aanvragers (bv. gemeenten) komen in aanmerking. 

De steun wordt niet verleend aan een aanvrager die tot een doelgroep behoort waarvoor de Vlaamse Regering een energiebeleidsovereenkomst (EBO) definitief heeft goedgekeurd, en die de aanvrager niet heeft ondertekend of die hij niet naleeft.

Als het gaat om de benutting van restwarmte binnen een bedrijf dat kan toetreden tot de EBO, voor de verankering van en voor blijvende energie-efficiënte in de Vlaamse energie-intensieve industrie (voor VER- en niet-VER-bedrijven), komen de maatregelen enkel in aanmerking indien het bedrijf voor deze vestiging is toegetreden tot de EBO en de EBO ook naleeft, en voor zover het bedrijf niet verplicht is om deze maatregel uit te voeren om te voldoen aan de verplichtingen van die EBO.

Indien de aanvraag gebeurt door een grote onderneming dient de aanvrager aan te tonen dat aan één of meer van de volgende criteria is voldaan:

  • een wezenlijke toename van de omvang van het project of de activiteit als gevolg van de steun;

  • een wezenlijke toename van de reikwijdte van het project of de activiteit als gevolg van de steun;

  • een wezenlijke toename van de totale uitgaven van de begunstigde voor het project of de activiteit als gevolg van de steun;

  • een wezenlijke toename van de snelheid waarmee het betrokken project of de betrokken activiteit wordt voltooid.

Een project met indieners die in aanmerking komen voor deze maatregel én indieners die in aanmerking komen voor 'de ecologiepremie +' of 'de strategische ecologiesteun', kunnen onder bepaalde voorwaarden als een gemeenschappelijk project in aanmerking komen voor steun.

Wat komt in aanmerking

De investeringen moeten gebeuren in het Vlaams Gewest. Het betreffen installaties waaraan geen groenestroomcertificaten of geen warmtekrachtcertificaten werden toegekend of kunnen worden toegekend én niet in aanmerking komen voor 'de ecologiepremie+' of 'de strategische ecologiesteun'. De investeringen hebben betrekking op installaties voor de productie van groene warmte, de benutting van restwarmte of voor warmtenetten.

Nuttige groene warmte

  • nieuwe nuttige-groenewarmte-installaties met een bruto thermisch vermogen van meer dan 300 kWth (of een uitbreiding van meer dan 300 kWth):
    • uit biomassa (organisch-biologische stof), nageschakelde technieken voor rookgaszuivering bij installaties met een vermogen tussen 300 kWth en 1 MWth komen niet in aanmerking voor steun;

    • uit grootschalige zonneboilers met een apertuuroppervlakte van meer dan 425 m² waarbij uitsluitend gebruik wordt gemaakt van afgedekte collectoren waarbij de transparante isolerende laag, niet zijnde beglazing van serres, een geïntegreerd geheel vormt met de collector;

    • uit boorgat-energie-opslag met of zonder een grootschalige centrale warmtepomp;

    • uit koude-warmteopslag met of zonder een grootschalige centrale warmtepomp;

    • grootschalige (meer dan 300 kWth) centrale warmtepompen en een minimale energie-efficiëntie;

    • water-waterwarmtepompen waarbij de verdamper warmte opneemt uit energie-efficiënte stadsverwarming met een ontwerptoevoertemperatuur aan productiezijde van de energie-efficiënte stadsverwarming tussen de 20°C en 70°C, op voorwaarde dat de water-waterwarmtepompen en energie-efficiënte stadsverwarming in dezelfde steunaanvraag worden ingediend;
    • geconcentreerd zonlicht (CST) met een apertuuroppervlakte van meer dan 600 m².
Komen niet in aanmerking:
  • projecten met een interne opbrengstvoet (IRR) die groter is dan of gelijk is aan 15%;

  • installaties waarvan de warmte wordt toegepast voor het aandrijven van een absorptiekoelmachine;

  • installaties die gebruik maken van directe luchtverwarming van gebouwen, die geen woon- of kantoorgebouwen zijn.

Benutting van restwarmte

  • nieuwe of vernieuwde installaties;

  • de oorsprong van de warmte is proceswarmte, die vrijkomt uit een proces dat:

    • niet tot doel heeft warmte, elektriciteit of mechanische energie te produceren,

    • niet stuurbaar is in functie van de warmtevraag;

  • wat de toepassing van de restwarmte betreft, dient het te gaan om:
    • een toepassing die niet tot gevolg heeft dat de benutting van reeds beschikbare restwarmte wordt verminderd,

    • een toepassing die niet kan leiden tot het toekennen van groenestroom- of warmte-krachtcertificaten,

    • een bijkomende benutting van restwarmte voor:

      • het invullen van de energiebehoefte van een ander proces,

      • het op temperatuur houden van opgeslagen stoffen,

      • de verwarming van woon- of kantoorgebouwen,

      • de verwarming van gebouwen, andere dan woon- en kantoorgebouwen, met uitzondering van verwarming van deze gebouwen door middel van directe luchtverwarming,

      • de productie van koude waarbij de nuttige restwarmte wordt bepaald als de nuttige geproduceerde koude gedeeld door een referentieperformantiecoëfficiënt van 250%.

Komen niet in aanmerking: 
  • projecten met een interne opbrengstvoet (IRR) die groter is dan of gelijk is aan 15%.

Warmtenet

Investeringen in energie-efficiënte warmtenetten. Dit zijn warmtenetten die gebruik maken van minstens:

  • 50% warmte uit hernieuwbare energiebronnen;

  • 50% restwarmte;

  • 50% uit een combinatie van hernieuwbare energiebronnen en restwarmte;

  • 75% uit een kwalitatieve warmtekrachtkoppeling;
  • 75% uit een combinatie van kwalitatieve warmtekrachtkoppeling, groene warmte of restwarmte.
Komen niet in aanmerking:
  • Energie-efficiënte warmtenetten die warmte of koude afnemen van een installatie waaraan groenestroomcertificaten of warmtekrachtcertificaten worden toegekend of zullen worden toegekend. Tenzij, uitdrukkelijk afstand wordt gedaan van het recht op de toekenning van groenestroomcertificaten of warmtekrachtcertificaten. Van het recht op toekenning van groenestroomcertificaten of warmtekrachtcertficaten wordt door de certificaatgerechtigde afstand gedaan vanaf de datum van ingebruikname van het warmtenet zoals vermeld in het keuringsverslag.

Meer info kan je raadplegen op de webpagina Welke investeringen.

Omvang steun

Steunpercentages & plafonds

De steun wordt toegepast op het aanvaarde percentage van de in aanmerking komende kosten.

Het maximum aan te vragen steunpercentage hangt af van het type investering, de grootte van de onderneming/andere aanvragers

Type investering
 ko
 mo
 go
andere aanvragers

Nuttige-groenewarmte-installaties en energie-efficiënte warmtenetten met een ontwerptoevoertemperatuur aan productiezijde van minder dan 70°C

 65%

 55%

 45%

 65%

Benutting van restwarmte en energie-efficiënte warmtenetten met een ontwerptoevoertemperatuur aan productiezijde van 70°C of meer

 50%

 40%

 30%

 50%

Maximaal € 1.000.000 per investeringsproject voor:

  • installaties

Maximaal € 2.000.000 per investeringsproject voor:

  • warmtenetten

De Vlaamse regering kan afwijken van het maximum steunbedrag als de gevraagde steun hoger is dan het maximum.

De aanvrager vraagt als steun een percentage van de in aanmerking komende kosten.

Komen in aanmerking

De in aanmerking komende kosten worden berekend als de extra investeringskosten van de installatie ten opzichte van de investeringskosten van een referentie-installatie zonder de exploitatiekosten en –baten in rekening te nemen. Voor de berekening van de in aanmerking komende kosten voor nuttige-groenewarmte-installaties voor de productie van nuttige groene warmte en installaties voor de benutting van restwarmte wordt als referentie-installatie een hoogrendementsketel op aardgas gebruikt voor de productie van warmte, een stoomketel op aardgas voor de productie van stoom, en een elektrisch aangedreven compressiekoelmachine voor de productie van koude.

 

Aanvraagprocedure

De aanvrager dient een principeaanvraag in via het elektronisch formulier van het Vlaams Energie- en Klimaatagentschap (VEKA).

  • het gebruik van dit aanvraagformulier is verplicht;
  • het formulier moet volledig en correct worden ingevuld;
  • per installatie kan hoogstens één steunaanvraag ingediend worden binnen deze call.

Na de uiterste datum van indiening kunnen geen aanvragen meer worden ingediend in het kader van deze oproep. Er zijn dan ook geen wijzigingen meer mogelijk in de ingediende projectvoorstellen.

Projecten die geen steun krijgen toegekend omwille van een uitputting van het budget, kunnen bij een volgende call een nieuwe principeaanvraag indienen door de reeds ingediende principe-aanvraag te herbevestigen, indien de gegevens nog actueel zijn. Het tijdstip waarop de eerste principeaanvraag ontvankelijk werd verklaard blijft behouden als indientijdstip.

De eerste oproep 2022 stond open vanaf 2 mei en sloot af op 16 mei 2022 met een budget van meer dan € 32 miljoen (onder voorbehoud). In het najaar 2022 wordt een tweede oproep voorzien met een budget van € 10 miljoen (onder voorbehoud).

Evaluatieprocedure

Het Vlaams Energie- en Klimaatagentschap (VEKA) onderzoekt de ontvankelijke principe-aanvragen. Principe-aanvragen die aan alle voorwaarden voldoen, worden gerangschikt volgens hun score. Deze score wordt op basis van twee elementen bepaald: kostenefficiëntie en de CO2-efficiëntie van het project.

De kostenefficiëntie is gelijk aan de aangevraagde steun vermeerderd met de financiële steun van andere ondersteuningsmaatregelen (bij volledige benutting) gedeeld door de in aanmerking komende kosten. De CO2-efficiëntie is de te realiseren CO2-besparing gedeeld door de in aanmerking komende kosten. De score hangt af van de CO2-efficiëntie van uw project t.o.v. de hoogste CO2-efficiëntie van alle ingediende projecten en van de laagste kostenefficiëntie van alle ingediende projecten t.o.v. de kostenefficiëntie van uw project.

Blijf op de hoogte

Wil je op de hoogte blijven van wijzigingen van deze maatregel én andere maatregelen in de Subsidiedatabank van VLAIO? Dat kan via de gratis Nieuwsbrief van de Subsidiedatabank.