LODE – Lokale Open Data Economie
Steden Brugge en Gent kregen in de City of Things-oproep 2021 steun voor hun Lokale Open Data Economie project. Doorheen het project hielden ze hun datawerking kritisch tegen het licht. Zo ontdekten ze wat werkt en wat minder werkt en hoe open data de volgende 10 jaar het verschil kan maken. Ontdek hieronder de belangrijkste inzichten en aanbevelingen.
City of Things project LODE
Overheidsdiensten verzamelen veel data. Die data ontsluiten als open data biedt potentieel voor burgers, ondernemingen, onderwijs en overheden. Het is de bedoeling deze open data in de toekomst effectiever in te zetten. Dat betekent niet alleen meer data verzamelen maar er ook slimmer mee werken.
Stad Gent en stad Brugge hielden de datawerking kritisch tegen het licht met het City of Things-project LODE uit de oproep 2021. LODE staat voor Lokale Open Data Economie. Ze bekeken wat werkt en wat minder goed werkt. En hoe open data de volgende 10 jaar het verschil kunnen maken.
Ze onderzochten welke data het meest relevant zijn en welke economische en maatschappelijke meerwaarde ze kunnen bieden. Dat deden ze met een marktverkenning van het aanbod en een bevraging van de vraagzijde.
Wat zijn de resultaten?
Vaststelling: de ambities rond open data worden nog te weinig gerealiseerd
Wat ze bereiken:
- Steden gaan zelf aan de slag met data
- Steden werken samen met lokale partners & gemeenschap
- Steden realiseren lokale meerwaarde (bijvoorbeeld de Gentse Feesten app)
Wat ontbreekt:
- Datasets zijn niet gestandaardiseerd
- Resultaten zijn beperkt tot het lokale ecosysteem
- Bescheiden economische schaal
- Samenwerkingen zijn ad hoc (niet structureel)
Diagnose: wat staat meerwaarde in de weg?
Welke drempels ervaren gebruikers? De open data-platformen zijn gekend of worden gevonden, maar:
- Bezoekers vinden er niet altijd de data die ze zoeken
- De kwaliteit van de data is soms te laag
- Vaak zijn er nog (te) veel bewerkingen op de data nodig
Welke voorkeuren hebben gebruikers?
- Gebruikers verkiezen kwaliteit boven kwantiteit
- Ze willen kunnen samenwerken met steden
- Datasets moeten beleidsrelevant zijn, in plaats van ad hoc te worden vrijgegeven
Welke data vinden gebruikers interessant?
- Vooral vraag naar data over mobiliteit en omgeving
- Deze thema’s leven Europees in de ‘twin transition’, ofwel het samenspel tussen digitalisering en verduurzaming
- Er is een groot potentieel voor zowel de slow moving data als fast moving sensordata
Cruciaal: Bedrijven kunnen nog te weinig doen met onze Open Data. Ze vragen een grotere schaal die de data bruikbaar maakt over heel België, en ze zoeken data van hogere kwaliteit waarmee ze meteen aan de slag kunnen.
Wat kunnen we doen?
Verhoog de datakwaliteit
De kwaliteit van de data moet hoger. Vandaag publiceren steden data vaak individueel en ad hoc. Deze vrijblijvende aanpak levert te weinig kwaliteitsvolle data op. Steden moeten daarom datasets kiezen om in hoge kwaliteit te publiceren.
Dit sluit niet uit dat steden datasets van mindere kwaliteit publiceren. Dat moet dan wel zichtbaar zijn voor de gebruiker. Deze datasets tonen gebruikers waar mogelijkheden liggen, zonder verdere (kwaliteits)garanties.
Ga voor gerichte impact
Lokale besturen en hun partners moeten duidelijk maken waar ze het verschil willen maken met open data. Deze keuzes dienen ze af te stemmen op beleidsdoelstellingen van de stad of haar lokale partners.
Werk samen binnen de stad
We werken nog te weinig samen. Datapublicatie is te vaak het eindpunt van open data. Samenwerken met partners, datapublicatie of kwaliteitsupdates op aanvraag, … zorgen ervoor dat data het verschil kunnen maken. Open data is een dialoog, geen éénrichtingsverkeer. Het is belangrijk het aanbod open data af te stemmen op de noden van gebruikers.
Investeer in open data
Een engagement voor open data vraagt tijd en middelen en maakt het noodzakelijk dat de stad zich hierop organiseert. Open data heeft maximale impact wanneer we focussen op kwaliteit, samenwerkingen en een link met de beleidsdoelen. Kwaliteitsvolle open data en interne data gaan hierbij hand in hand.
Werk samen met andere lokale besturen
Het potentieel groeit wanneer meerdere steden samenwerken rond datasets. Data op grotere schaal is namelijk interessant voor gebruikers. Gent en Brugge reiken dan ook de hand naar andere besturen om lokale datasets te combineren.
Gebruik schaalvergroting als katalysator
Schaal is belangrijk voor economische meerwaarde. Zo worden commerciële producten op basis van open data mogelijk. Dat vraagt om samenwerking, coördinatie en promotie op een bovenlokaal niveau. Een structurele inzet op linked data, digitale architectuur en standaardisatie zijn essentieel voor herbruikbaarheid en samenwerking.
De Vlaamse Datavindplaats centraliseert lokale open data en kan zo een instrument zijn om data te aggregeren. Via de Vlaamse Smart Data Space kan dan weer de brug gelegd worden tussen het lokale databeleid en de Europese dataspaces.
Als stad kan je veel doen samen met lokale partners, zoals de vele hogeronderwijsinstellingen in Gent. Voor economische meerwaarde op grotere schaal, is er echter nood aan coördinatie en steun vanuit centrale overheden.
Draaiboek
Gent en Brugge hebben, op basis van het eindrapport, een praktisch draaiboek opgesteld. Dit gebruiksvriendelijke hulpmiddel bevat concrete aanbevelingen rond open data, uitgewerkt volgens vier maturiteitsniveaus. Het draaiboek werd inmiddels gedeeld met andere Vlaamse lokale besturen en is terug te vinden op de websites van Gent en Brugge.
Use Case en rapport Digitaal Vlaanderen
Brugge en Gent hebben, op basis van de bevindingen en aanbevelingen uit het rapport, verschillende testcases voor het open data aanbod uitgewerkt en gerealiseerd. Ze hebben datasets ontsloten volgens de inzichten die ze uit het rapport haalden. Dit traject verliep in samenwerking met Digitaal Vlaanderen; hierbij werd aangetoond dat end-to-end lokale fietsstallingsdatasets (o.a. Gent en Brugge, aangevuld met Antwerpen en Velopark in de demo) interoperabel gepubliceerd en bevraagd kunnen worden door semantische harmonisatie via OSLO te combineren met technische publicatie via Product Beheer Systeem (PBS). Het integrale rapport is terug te vinden op websites van Gent en Brugge.
Management summary van het rapport
Kernbeslissingen
Er werd gezocht naar een gezamenlijke datasets bij Brugge en Gent, voor infrastructuur in het openbaar domein. Daarbij werd nagegaan welke overeenkomsten er zijn tussen de datasets en of deze op een uniforme manier kunnen worden beschreven via een vocabularium binnen OSLO, meer bepaald rond infrastructuurelementen. Beide datasets werden naar dit vocabularium vertaald.
De volgende stap is onderzoeken hoe datasets die voortdurend wijzigen, steeds actueel kunnen worden gedeeld. Linked Data Event Streams (kortweg LDES) biedt hiervoor een oplossing. Gent en Brugge hebben elk een dataset gepubliceerd in LDES, op basis van hetzelfde OSLO-vocabularium.
We zijn erin geslaagd om beide datasets vindbaar te maken via de datavindplaats zodat ze samen gebruikt kunnen worden voor een gewenst toepassing.
Een interessante toepassing is bijvoorbeeld een melding over een fietsstalling: bijvoorbeeld via een meldpunt zou men gebruik kunnen maken van de data van Gent en Brugge zodat helder is over welke fietsstalling het precies gaat. Dit is slechts één illustratie: ook voor andere infrastructuurelementen, zoals bushokjes, bomen, verlichting,… kunnen we hetzelfde proces hergebruiken.
Impact
Het project levert een eerste end‑to‑end bewijs dat OSLO‑modelkeuzes rechtstreeks kunnen doorwerken in een PBS‑publicatieketen (cfr. Datavindplaats), met herbruikbare mappings, queries, configuraties en documentatie. Door semantische harmonisatie worden lokale verschillen weggewerkt, waardoor datagebruikers data federatief kunnen bevragen en aggregeren zonder eigen integratie (aangetoond via de Comunica‑demo). Organisatorisch ontstaat een werkbaar samenwerkingsmodel tussen semantiek en techniek als basis voor governance, en strategisch fungeert dit als schaalbaar patroon voor opschaling van lokale open data naar een Vlaamse dataruimte; tegelijk blijft duurzame adoptie afhangen van actuele data, sterke metadata en (semi-)automatische kwaliteits- en conformiteitslabels.
Nodig voor opschaling – openstaande punten
- een eenduidig en zichtbaar kwaliteits- en conformiteitskader op Datavindplaats (actualiteit, dekking, nauwkeurigheid en OSLO‑conformiteit) met automatische semantische validatie in PBS;
- harde afspraken en standaarden voor aanlevering en beheer, inclusief leveranciersrichtlijnen en contractuele vereisten rond updates, kwaliteitscontroles en URI-/codelijstgebruik;
- structurele governance en onderhoud over domeinen heen, met versiebeheer, testcases, rolverdeling en een mechanisme om OSLO‑profielen en codelijsten automatisch up-to-date te houden, aangevuld met consistente metadata en tagging voor betere vindbaarheid.
Kernboodschap: door OSLO (betekenis) en PBS (publicatieketen) bewust te koppelen, is een schaalbaar patroon neergezet dat lokale besturen toelaat data één keer correct te standaardiseren en vervolgens bovenlokaal te publiceren en hergebruiken. Dit is echter een vrij complex traject gebleken waarvoor heel wat expertenkennis nodig is binnen de lokale besturen (die meestal ontbreekt). We merken op dat het duur is om de data te standaardiseren, up to date en vindbaar te houden. De volgende stap is verankering: automatische semantische validatie, kwaliteitslabels en harde afspraken (incl. leveranciers) om opschaling naar meer steden en domeinen haalbaar te maken.
Meer weten? Lees het volledige rapport via de websites van Gent en Brugge.
Budget
769.803,93 euro