impaC³t > resultaten
impaC³t: Integreren van een Mens- en milieuvriendelijke Proces-Aanpak in Circulaire, Constructieve, Co-creatieve renovatie-Trajecten
Het VLAIO impaC³t living lab versnelt de renovatie van woningen op een circulaire en inclusieve manier. Het focust op hele wijken in plaats van op individuele huizen, zodat ingrepen zoals warmtenetten rendabel worden en bewoners bereikt worden die vandaag minder snel zelf renovaties opstarten. Veel circulaire thema’s worden bovendien pas echt zichtbaar op wijkniveau, bijvoorbeeld bij verdichting, herontwikkeling en gedeeld gebruik van ruimte.
Het living lab richt zich op processen: beleid, procedures, financiering en aanbestedingen. In een consortium van experten uit lokale overheden, bouwgerelateerde bedrijven, middenveldorganisaties rond circulaire economie en sociale financiering, en kenniscentra worden concrete projecten mee vormgegeven. Het lab begeleidt vijf uiteenlopende casestudies in Vlaamse wijken in transitie, in samenwerking met steden, woonmaatschappijen en projectontwikkelaars
Casestudies
Magdalenakwartier (Brugge): Een historische binnenstadwijk. Stad Brugge heeft de ambitie om een warmtenetwerk te creëren dat verschillende lopende initiatieven in de wijk met elkaar verbindt. Het living lab heeft zich daarom ook gericht op het renovatieadvies van de stad, met inbegrip van opties voor het clusteren van technische systemen, advies over renoveren met inachtneming van erfgoedregels, suggesties voor efficiënter ruimtegebruik en circulaire renovatietechnieken.
Scandinaviëblokken (Gent): Een ‘verticale wijk’ met 203 verschillende mede-eigenaars in één gebouw. Aangezien verschillende eigenaren verschillende mogelijkheden hebben (70% van de bewoners behoort tot de laagste inkomenscategorie), stuit een collectieve, gecoördineerde renovatie op veel knelpunten. Het living lab heeft zich daarom gericht op een meerjarenplan om individuele acties te begeleiden, in combinatie met een financiële beslissingsboom met alternatieven voor mensen met beperkte toegang tot traditionele leningen.
Ruisbroek (Sint-Pieters-Leeuw): Een brownfieldlocatie aan de rand van Brussel. Projectontwikkelaar Revive bouwt nieuwe woningen te midden van een blok oudere, leegstaande en onderbezette huizen. Het living lab richtte zich op oplossingen om deze panden beter te benutten en op de mogelijke ruimtelijke verbindingen tussen de nieuwe ontwikkeling en de omliggende wijk.
Vogelhoekwijk (Gent): Een sociale woonwijk die gerenoveerd zal worden. Het living lab richtte zich op strategieën om te renoveren en te verdichten zonder bestaande huizen te hoeven slopen. Samen met thuispunt ontwikkelde het opties voor optopping, selectieve inbreiding en hergebruik van materialen.
Steenbergwijk (Landen): Een wijk die oorspronkelijk werd gebouwd als sociale woningbouw, maar waar vandaag de dag sprake is van versnipperd eigendom. Het living lab richtte zich op strategieën die zowel voor de 32 resterende huizen van de woonmaatschappij Kanvaz als voor particuliere eigenaars zouden kunnen werken, waaronder opties om efficiënter gebruik te maken van onderbenutte huizen en veranderingen in het openbare terrein.
Inzichten en leerlessen
Organisatie: Het living lab was geen eigenaar van de casestudies, maar ondersteunt en adviseert de echte beslissers. Zo landen oplossingen rechtstreeks in de praktijk en kunnen ze nadien eenvoudiger worden opgeschaald naar andere wijken.
Timing: Stedelijke projecten duren tientallen jaren, terwijl het living lab slechts drie jaar heeft bestaan. Daarom richtte het living lab zich op de vroege fase van het stellen van doelen voor projecten, om zo de juiste prioriteiten voor belanghebbenden te helpen stellen.
Circulaire hiërarchie: Circulair bouwen wordt vaak eng gedefinieerd als een kwestie van hergebruik van materialen. Circulair bouwen wordt nog te vaak herleid tot materiaalhergebruik. Dat blijft belangrijk, maar er zijn maatregelen die de milieu-impact veel sterker terugdringen. Het living lab heeft een hiërarchie opgesteld voor circulaire renovatie op wijkniveau: intensiveren (bestaande gebouwen beter benutten), verdichten (bestaande infrastructuur en grond in steden beter benutten), sloop vermijden (levensduur van gebouwen verlengen), aanpasbaar (toekomstgericht ontwerp), omkeerbaar (ontwerp voor demonteerbaarheid), materiaalhergebruik en ten slotte, als al het andere faalt, recycleren.
Onderbezetting: In de meeste casestudies worden woningen die ooit voor grote gezinnen waren ontworpen, nu bewoond door alleenstaanden of stellen. Door beter gebruik te maken van de bestaande woningen (door delen of splitsen) kan de behoefte aan nieuwbouw op groene grond aanzienlijk worden verminderd. De publieke acceptatie van kleiner wonen is nog steeds beperkt, maar lokale overheden kunnen actiever zijn in het promoten van slim wonen.
Ontwerprichtlijnen en financiering voor sociale huisvesting: Het living lab constateerde dat sociale woningen vaak voortijdig worden gesloopt omdat ze niet voldoen aan de huidige ontwerprichtlijnen. Nieuwe woningen moeten worden gebouwd met beperkte budgetten, waardoor het moeilijk is om bij het ontwerp rekening te houden met toekomstige aanpasbaarheid. Cycli van sloop en herbouw leiden tot hogere kosten en uiteindelijk tot minder sociale woningen. Er is daarom een sterke behoefte om te herzien hoe bestaande gebouwen worden beoordeeld en hoe nieuwe gebouwen worden gefinancierd.
Meer info?
Meer info vind je op de website circulairewijkrenovatie.be. De beleidsbrochures vind je bij 'downloads'.
Hoe kan jouw onderneming participeren?
Ben je een bedrijf, overheid of organisatie die met renovatie in aanraking komt? Heb je interesse om meer waarde te creëren door circulaire, collectieve renovatie? Neem contact op met dit living lab voor inzichten en partners die je hierbij kunnen helpen.