Circular Machine Building > resultaten
Samenvatting
De machinebouw in Vlaanderen scoort sterk op het vlak van toegevoegde waarde, tewerkstelling en export, maar heeft tegelijk een van de hoogste materiaalvoetafdrukken binnen de Vlaamse maakindustrie. Een grote uitdaging voor het meer circulair maken van de sector is de switch naar nieuwe businessmodellen.
De uitdaging
Bij product-as-a-Service (PaaS)-businessmodellen blijft de producent eigenaar van de machine, zodat die het product na gebruik terughaalt bij de klant. Na eventueel onderhoud en enige herstellingswerken kan het product opnieuw verhuurd worden. Een grote hinderpaal hierbij is de ‘reverse logistics’: het inzamelen en terugbrengen van de materialen om ze te kunnen hergebruiken.
Het toepassen van PaaS-modellen bij machinebouwers, en in het bijzonder bij kmo’s, blijkt vaak nog een stap te ver. Toch heeft de omschakeling van producent naar dienstverlener een verreikende impact: machines worden nauwkeuriger opgevolgd, waardoor de klant niet enkel een product, maar ook een dienst krijgt.
Leerlessen en resultaten
Het Living Lab Circular Machine Building werd opgezet om Vlaamse machinebouwers te ondersteunen in de overgang naar circulair ondernemen, met een focus op Product-as-a-Service (PaaS). Het project, gesteund door VLAIO en gerealiseerd door Designregio Kortrijk, Sirris en Voka West-Vlaanderen, bood een experimentele leeromgeving waar bedrijven zoals Cyago, Eliet en 3D Tools hun businessmodellen konden herdenken.
Doelstellingen
Het Living Lab had drie hoofddoelstellingen:
- Versnellen van de circulaire transitie binnen de machinebouwsector, die gekenmerkt wordt door een hoge materiaalvoetafdruk.
- Uittesten van PaaS-modellen via de methodiek van design thinking: bedrijven blijven eigenaar van hun machines en verkopen gebruik in plaats van bezit.
- Vertalen van leerervaringen naar bruikbare tools, met name de Robomove-businessgame, zodat andere kmo’s op een laagdrempelige manier kunnen leren over circulaire strategieën.
Het project werkte als een living lab: bedrijven experimenteerden met concrete scenario’s rond levensduurverlenging, onderhoud, hergebruik en klantenbinding. Er werd intensief samengewerkt met experts in circulair design, digitalisering en businessmodellen. De partners deelden tussentijds ervaringen en knelpunten in gezamenlijke sessies.
Resultaten
Een eerste resultaat is de Robomove-game, ontwikkeld met DAE Studios. In plaats van klassieke rapporten of infosessies werd gekozen voor een interactieve leerervaring die de inzichten van de deelnemende bedrijven bundelt. De game confronteert spelers met strategische keuzes die typisch zijn voor circulaire machinebouw: hoe behoud je waarde, hoe ontwerp je voor herstelbaarheid, hoe organiseer je logistiek en servicecontracten?
Daarnaast leverde het lab praktische inzichten op:
- Economie van gebruik in plaats van bezit: Machinebouwers moeten nadenken over financiële modellen die cashflow spreiden over langere periodes, wat een andere relatie met klanten vereist.
- Design als hefboom: Herontwerp van machines om onderhoud, hergebruik en remanufacturing te vergemakkelijken blijkt essentieel.
- Data en monitoring: Digitale tools zoals sensoren en IoT spelen een sleutelrol om gebruik te meten en onderhoud proactief te plannen.
- Samenwerking binnen de waardeketen: PaaS vergt nauwe samenwerking tussen producent, klant en servicepartners.
De deelnemende bedrijven rapporteerden dat het proces hun innovatievermogen en bewustzijn rond duurzaamheid aanzienlijk vergrootte. Door hun eigen werking kritisch te analyseren, ontdekten ze nieuwe verdienmodellen én manieren om materialen efficiënter in te zetten.
Belangrijkste leerlessen
- Mindset is cruciaal: De overstap naar circulariteit is meer dan een technische uitdaging; het vraagt een fundamentele cultuurverandering.
- Prototyping en experimenteren loont: Door het PaaS-model te simuleren in een veilige leeromgeving, konden bedrijven risico’s en obstakels vroeg detecteren.
- Kennisdeling versnelt vooruitgang: Regelmatige peer-learning sessies zorgden voor kruisbestuiving tussen ondernemingen, ontwerpers en onderzoekers.
- Een duidelijke klantwaarde blijft centraal: Circulair ondernemen is pas duurzaam als het ook economisch rendeert voor zowel leverancier als klant.
- Educatie en sensibilisering zijn nodig: via Robomove kan een bredere groep bedrijven kennismaken met circulaire principes zonder directe investering.
Het Living Lab versterkte het ecosysteem van West-Vlaamse maakbedrijven dat inzet op duurzame innovatie. De Robomove-game reist nu, zoals het WONDER Creativity Festival, en inspireert nieuwe ondernemingen om met PaaS-modellen aan de slag te gaan.
Daarnaast sluiten de inzichten aan bij bredere Voka-initiatieven rond duurzaamheid: machinebouwers worden aangemoedigd om hun ecologische voetafdruk te verlagen, materialen te recupereren en energie-efficiënte productiemethoden te implementeren.
Het Living Lab Circular Machine Building toont dat circulaire transitie haalbaar is, mits de juiste ondersteuning en experimenteerruimte. De samenwerking tussen kennisinstellingen, bedrijven en beleid leidde niet alleen tot concrete tools maar ook tot een blijvende mentaliteitswijziging in de sector.
De belangrijkste leerles: circulariteit begint met bewustwording, maar groeit pas duurzaam wanneer bedrijven durven ontwerpen, testen en leren in echte contexten.