Steunmaatregelen RSZ voor werkgevers (coronavirus)

Laatst gewijzigd op 31 aug 2021 (Alle wijzigingen)

Samengevat

Voor wie
Werkgevers getroffen door beperkende coronamaatregelen
Voor wat
compensatie voor betaling RSZ werkgeversbijdragen
Subsidie
bedrag stemt overeen met bepaalde werkgeversbijdragen

Wat houdt de maatregel in

Om de werkgevers te ondersteunen tijdens de coronacrisis werden er een aantal steunmaatregelen gelanceerd. 

Herstel van de werkgelegenheid

Wie als werkgever zijn werknemers terughaalt uit tijdelijke werkloosheid en/of nieuw personeel aanwerft in het derde kwartaal 2021 kan genieten van een vermindering van de werkgeversbijdragen voor dit kwartaal. Deze vermindering is in het derde kwartaal 2021 toepasbaar voor vijf werknemers per vestigingseenheid.

Wie komt in aanmerking

Deze maatregel geldt voor werkgevers die onder het toepassingsgebied van de wet van 5 december 1968 op de collectieve arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités vallen. Concreet gaat het voornamelijk om werkgevers uit de privésector.

Bijkomende voorwaarden zijn:

  • de werknemers waarvoor hij de doelgroepvermindering toepast, ononderbroken in dienst houden gedurende het derde kwartaal, behalve als de werknemer:
    • zelf ontslag neemt (dus niet als met wederzijds akkoord),
    • om dringende redenen ontslagen wordt;
  • in 2021 voldoen aan de opleidingsdoelstellingen voorgeschreven door de wet van 5 maart 2017 betreffende werkbaar en wendbaar werk;
  • zich in 2021 onthouden van:
    • de uitkering van dividenden aan de aandeelhouders;
    • de uitkering van bonussen aan de leden van de Raad van Bestuur en aan de directie  van de onderneming;
    • de inkoop van eigen aandelen;
  • in het tweede en derde kwartaal 2021 geen collectief ontslag hebben aangekondigd of aankondigen;
  • een werkgever aan wie het gebruik van een geregistreerd kassysteem is opgelegd, moet deze verplichting nakomen.
Omvang van de vermindering

Het bedrag van de doelgroepvermindering is verschillend voor werkgevers van wie de activiteit zwaar is getroffen tijdens de pandemie, en werkgevers die niet of minder zwaar zijn getroffen:

  • zwaar getroffen werkgevers*: € 2.400 voor maximum 5 werknemers per vestigingseenheid;
  • andere werkgevers: € 1.000 voor maximum 5 werknemers per vestigingseenheid.

*Een werkgever wordt beschouwd als 'zwaar getroffen' wanneer:

  • het arbeidsvolume in het eerste kwartaal 2021 50 % lager ligt dan in het 1ste kwartaal 2020 of
  • het arbeidsvolume in het vierde kwartaal 2020 50 % lager ligt dan in het 4de kwartaal 2019.

Deze vergelijking gebeurt op het niveau van de werkgever en wordt berekend op basis van de 'totale µ (glob)'. De RSZ voert deze berekening uit op basis van een 'momentopname' van de DmfA op 1 juli 2021. 

Werkgevers die hun activiteit pas in het tweede kwartaal 2020 hebben aangevat, worden niet als 'zwaar getroffen' beschouwd en kunnen bijgevolg enkel in aanmerking komen voor de vermindering van € 1.000 voor maximaal 5 werknemers per vestigingseenheid.

De stijging wordt geëvalueerd per juridische entiteit en mag niet het gevolg zijn van bepaalde juridische herstructureringsoperaties, zoals een fusie van ondernemingen.

Meer informatie

Meer informatie is beschikbaar op de Administratieve instructies RSZ > De bijdrageverminderingen > Doelgroepvermindering - herstel van de werkgelegenheid - coronamaatregel.

Evenementensector

Bepaalde werkgevers uit de evenementensector kunnen voor vijf werknemers kunnen genieten van een doelgroepvermindering voor het tweede en derde kwartaal van 2021.

Wie komt in aanmerking

Deze bijdragevermindering geldt voor de werkgevers uit de privésector waarvan de hoofdactiviteit zich situeert in de evenementensector.

Concreet gaat het om de werkgevers:

  • die vallen onder het Paritair Comité voor het vermakelijkheidsbedrijf (PC 304), d.w.z. aan wie de werkgeverscategorie 562 of 662 toegekend werd
  • of waarvan de hoofdactiviteit in de evenementensector bestaat uit:
    • de beoefening van uitvoerende kunsten, inclusief de beoefening van uitvoerende kunsten door zelfstandig werkende artiesten (NACE-code 90011) en de beoefening van uitvoerende kunsten door artistieke ensembles (NACE-code 90012);
    • de promotie en organisatie van uitvoerende kunstevenementen (NACE-code 90021);
    • het ontwerp en de bouw van podia (NACE-code 90022);
    • de gespecialiseerde beeld-, verlichtings- en geluidstechnieken (NACE-code 90023);
    • ondersteunende activiteiten voor de uitvoerende kunsten (NACE-code 90029);
    • de beoefening van scheppende kunsten (NACE-code 90031);
    • ondersteunende activiteiten voor scheppende kunsten (NACE-code 90032);
    • de exploitatie van schouwburgen, theaters, concertzalen, musichalls, cabarets en andere accommodaties voor podiumkunst (NACE-code 90041);
    • de exploitatie van geluidsopnamestudio’s voor rekening van derden (NACE-code 90041);
    • het beheer en exploitatie van culturele centra (NACE-code 90042);
    • het beheer en exploitatie van multifunctionele centra en evenementenhallen, overwegend ten behoeve van de scheppende en uitvoerende kunst (NACE-code 90042);
    • de organisatie van congressen en beurzen (NACE-code 82300);
    • de organisatie van sportevenementen. Wat de organisatie van sportevenementen betreft, wordt de maatregel beperkt tot de werkgevers met de NACE-code 93199 die kunnen aantonen dat hun hoofdactiviteit bestaat uit de organisatie van sportevenementen.

De werkgevers die niet vallen onder het PC 304 of de voormelde NACE-codes, maar die gelijkaardige activiteiten uitoefenen, kunnen ook van de maatregel genieten als ze kunnen aantonen dat hun hoofdactiviteit zich in de evenementensector situeert.

Voorwaarden

De werkgever moet bovendien aan de volgende voorwaarden voldoen:

  • de werknemers waarvoor hij de doelgroepvermindering toepast, ononderbroken in dienst houden gedurende de twee betrokken kwartalen, behalve als de werknemer:
    • zelf ontslag neemt (dus niet als met wederzijds akkoord),
    • om dringende redenen ontslagen wordt
    • of als hij een tijdskrediet of een thematisch verlof opneemt;
  • in 2021 al zijn werknemers een concrete en individuele opleiding aanbieden gedurende ten minste 5 volledige dagen per voltijds equivalente werknemer in 2021:
    • het betreft zowel de werknemers die de doelgroepvermindering genieten, als de andere werknemers, of ze nu in tijdelijke werkloosheid werden geplaatst of niet
    • voor deeltijdse werknemers heeft de werkgever de mogelijkheid om het aandeel opleidingsdagen te verminderen in verhouding tot hun contractuele arbeidsduur;
  • zich in 2021 onthouden van:
    • de uitkering van dividenden aan de aandeelhouders;
    • de uitkering van bonussen aan de leden van de Raad van Bestuur en aan de directie  van de onderneming;
    • de inkoop van eigen aandelen;
  • de ondernemingsraad of bij ontstentenis hieraan, de vakbondsafvaardiging, of bij ontstentenis hieraan, de werknemers, informeren over de toepassing van de maatregel in de onderneming en de voorwaarden waaraan de werkgever moet voldoen, met name op het vlak van het opleidingsaanbod, en er overleg over plegen;
  • garanderen dat de som van het aantal dagen tijdelijke werkloosheid wegens overmacht coronavirus (prestatiecode 77) en het aantal dagen tijdelijke werkloosheid ingevolge gebrek aan werk wegens economische redenen (prestatiecode 71 en 76) die in de DmfA-aangifte zijn opgenomen voor het kwartaal waarvoor de vermindering gevraagd wordt, niet hoger is dan de som van dagen prestatiecode 71, 76 en 77 van het 1ste kwartaal 2021.
Omvang van de vermindering

Er wordt voor het tweede en derde kwartaal 2021 een doelgroepvermindering G7 toegekend die overeenstemt met het saldo van de patronale basisbijdragen in de DmfA van de betreffende kwartalen 2021 en dit voor maximum 5 werknemers.

Deze doelgroepvermindering wordt aangevraagd via de gewone aangifte DmfA van het 2de en/of het 3de kwartaal 2021. Zie de website van de RSZ voor meer details.

Meer informatie

Meer informatie is beschikbaar op de Administratieve instructies RSZ > De bijdrageverminderingen > Tijdelijke doelgroepvermindering evenementensector - coronamaatregel.

Hotelsector

Werkgevers in de hotelsector krijgen een doelgroepvermindering wanneer zij worden geconfronteerd met minstens 60% omzetverlies. Deze vermindering kan worden genoten voor maximum 5 werknemers per vestigingseenheid in het tweede en derde kwartaal 2021.

Wie komt in aanmerking

Deze bijdragevermindering geldt voor de werkgevers:

  • uit de privésector:
  • die ressorteren onder het paritair comité voor het hotelbedrijf (PC 302) en die als hoofdactiviteit het uitbaten van een hotel of het verschaffen van accommodatie hebben, of een vestigingseenheid hebben die deze activiteit uitoefent en
  • die in het tweede kwartaal 2021/derde kwartaal 2021:
    • ofwel een effectieve omzetdaling van minstens 60% hebben geleden ten opzichte van hetzelfde kwartaal twee jaar voordien 
    • ofwel een effectieve daling hebben van minstens 60% van de bij de RSZ aangegeven loonmassa ten opzichte van het tweede/derde kwartaal 2019 voor de werkgevers die geen periodieke btw-aangifte doen.

Concreet gaat het om de werkgevers:

  • die vallen onder het Paritair Comité voor het hotelbedrijf (PC 302)
  • en waarvan de hoofdactiviteit onder één van volgende NACE-codes valt:
    • 55.100: Hotels en dergelijke accommodatie
    • 55.201: Jeugdherbergen en jeugdverblijfcentra
    • 55.202: Vakantieparken
    • 55.203: Gites, vakantiewoningen en -appartementen
    • 55.204: Gastenkamers
    • 55.209: Vakantieverblijven en andere accommodatie voor kort verblijf, n.e.g.
    • 55.300: Kampeerterreinen en kampeerauto- en caravanterreinen
    • 55.900: Overige accommodatie 

De werkgevers die niet vallen onder het PC 304 of de voormelde NACE-codes, maar die gelijkaardige activiteiten uitoefenen, kunnen ook van de maatregel genieten als ze kunnen aantonen dat hun hoofdactiviteit zich in de evenementensector situeert.

Voorwaarden

De werkgever moet bovendien aan de volgende voorwaarden voldoen:

  • de werknemers waarvoor hij de doelgroepvermindering toepast, ononderbroken in dienst houden gedurende het betrokken kwartaal, behalve als de werknemer:
    • zelf ontslag neemt (dus niet als met wederzijds akkoord),
    • om dringende redenen ontslagen wordt
    • of als hij een tijdskrediet of een thematisch verlof opneemt;
  • in 2021 al zijn werknemers een concrete en individuele opleiding aanbieden gedurende ten minste 5 volledige dagen per voltijds equivalente werknemer in 2021:
    • het betreft zowel de werknemers die de doelgroepvermindering genieten, als de andere werknemers, of ze nu in tijdelijke werkloosheid werden geplaatst of niet
    • voor deeltijdse werknemers heeft de werkgever de mogelijkheid om het aandeel opleidingsdagen te verminderen in verhouding tot hun contractuele arbeidsduur;
  • zich in 2021 onthouden van:
    • de uitkering van dividenden aan de aandeelhouders;
    • de uitkering van bonussen aan de leden van de Raad van Bestuur en aan de directie  van de onderneming;
    • de inkoop van eigen aandelen;
  • de ondernemingsraad of bij ontstentenis hieraan, de vakbondsafvaardiging, of bij ontstentenis hieraan, de werknemers, informeren over de toepassing van de maatregel in de onderneming en de voorwaarden waaraan de werkgever moet voldoen, met name op het vlak van het opleidingsaanbod, en er overleg over plegen.
Omvang van de vermindering

Er wordt voor het tweede kwartaal 2021 een doelgroepvermindering G7 toegekend die overeenstemt met het saldo van de patronale basisbijdragen in de DmfA van het betreffende kwartaal 2021 en dit voor maximum 5 werknemers per vestigingseenheid.

Deze doelgroepvermindering wordt aangevraagd via de gewone aangifte DmfA van het tweede kwartaal 2021. Zie de website van de RSZ voor meer details.

Meer informatie

Meer informatie is beschikbaar op de Administratieve instructies RSZ > De bijdrageverminderingen > Tijdelijke doelgroepvermindering hotelsector - coronamaatregel.
Deze maatregel wordt geregeld door de Wet houdende tijdelijke ondersteuningsmaatregelen ten gevolge van de COVID-19-pandemie (BS 13 april 2021, Titel 5, Hoofdstuk 8).

Reissector

Bepaalde werkgevers uit de reissector kunnen genieten van een vermindering van de werkgeversbijdragen voor het tweede en vierde kwartaal 2020 en voor het eerste kwartaal 2021. Daarnaast geldt er voor het tweede kwartaal 2021 ook een doelgroepvermindering die uiterlijk 30 juni moet worden aangevraagd. De doelgroepvermindering voor het derde kwartaal moet uiterlijk 30 september 2021 worden aangevraagd. De werkgevers die hun aanvraag indienen tussen 1 juli en 30 september 2021 kunnen enkel voor het derde kwartaal 2021 genieten van de vermindering, onder voorbehoud van a posteriori controles. De werkgevers die hun aanvraag ingediend hebben voor 1 juli 2021 moeten geen nieuwe aanvraag indienen vanaf 1 juli 2021 om van de vermindering te kunnen genieten voor het derde kwartaal 2021, onder voorbehoud van a posteriori controles.

Wie komt in aanmerking

Deze maatregel geldt voor de werkgevers van de reissector (privésector) die onder het toepassingsgebied vallen van de wet van 21 november 2017 betreffende de verkoop van pakketreizen, gekoppelde reisarrangementen en reisdiensten en die actief waren vóór 1 april 2021 en het op die datum nog altijd zijn. Dit zijn de werkgevers die: 

  • de hoofdactiviteit 'reisbureau' of 'reisorganisator' uitoefenen en die voor die hoofdactiviteit onder één van de volgende twee Nace-codes vallen:
    • Nace-code 79110: reisbureaus
    • Nace-code 79120: reisorganisatoren
  • en die gedurende de periode van het tweede kwartaal 2020 tot en met het laatste kwartaal waarop de vermindering betrekking heeft, namelijk het derde kwartaal 2021, tegen insolventie verzekerd zijn zoals voorzien in de wet van 21 november 2017 (in België of een ander Europees land).
Voorwaarden

Om voor de bijdragevermindering in aanmerking te komen, moet de werkgever aan bepaalde voorwaarden voldoen:

  • zich ertoe verbinden om alle in dienst zijnde werknemers ononderbroken tussen 1 april 2021 en 30 september 2021 in dienst te houden, behalve als de werknemer
    • zelf ontslag neemt (dus niet als met wederzijds akkoord),
    • om dringende redenen ontslagen wordt
  • een concreet en individueel opleidingsaanbod aan de werknemers aanbieden dat overeenstemt met minstens 20% van hun contractuele arbeidsduur in het 1ste en 2de kwartaal 2021:
    • dit is van toepassing op alle werknemers, of ze nu in tijdelijke werkloosheid zijn of niet.
    • deze opleidingen moeten uiterlijk op 31 december 2021 gevolgd zijn. 
  • zich in 2021 van het volgende onthouden:
    • de uitkering van dividenden aan de aandeelhouders;
    • de uitkering van bonussen aan de leden van de Raad van Bestuur en aan de directie van de onderneming;
    • de inkoop van eigen aandelen;
  • de ondernemingsraad of bij ontstentenis hieraan, de vakbondsafvaardiging, of bij ontstentenis hieraan, de werknemers, informeren over de toepassing van de maatregel in de onderneming en de voorwaarden waaraan de werkgever moet voldoen, met name op het vlak van het opleidingsaanbod, en er overleg over plegen. 
Omvang van de vermindering
  • Voor het tweede en vierde kwartaal 2020 alsook het eerste kwartaal 2021 wordt er een vermindering toegekend die overeenstemt met de som van de netto werkgeversbijdragen. Onder netto werkgeversbijdragen wordt begrepen, de patronale basisbijdragen min de structurele vermindering min een doelgroepvermindering. Meer details over de berekening vind je op de website van de RSZ.
  • Voor het tweede kwartaal en derde kwartaal 2021 wordt er een doelgroepvermindering G7 toegekend die overeenstemt met het saldo van de patronale basisbijdragen in de DmfA van het tweede kwartaal 2021 voor alle werknemers van de werkgever die een aanvraag via de online toepassing ingediend heeft. Aanvragen kan tot uiterlijk 30 september 2021. De werkgevers die hun aanvraag indienen tussen 1 juli en 30 september 2021 kunnen enkel voor het 3de kwartaal 2021 genieten van de vermindering, onder voorbehoud van a posteriori controles. De werkgevers die hun aanvraag ingediend hebben voor 1 juli 2021 moeten geen nieuwe aanvraag indienen vanaf 1 juli 2021 om van de vermindering te kunnen genieten voor het derde kwartaal 2021, onder voorbehoud van a posteriori controles.
Meer info

Meer informatie is beschikbaar op de Administratieve instructies RSZ > De bijdrageverminderingen > Tijdelijke vermindering reissector - coronamaatregel.
Deze maatregel wordt geregeld door de Wet houdende tijdelijke ondersteuningsmaatregelen ten gevolge van de COVID-19-pandemie (BS 13 april 2021, Titel 5, Hoofdstuk 7).

Afgelopen initiatieven

Compensatie verplicht gesloten sectoren

Om de financiële gevolgen van de coronacrisis te verlichten, werd er door de Wet van 24 november 2020 met het oog op steunmaatregelen in het kader van de COVID-19-pandemie (1) een compensatieregeling ingevoerd voor bepaalde werkgevers die zwaar werden getroffen door de nieuwe verstrengde coronamaatregelen. 
De premie werd toegekend aan de werkgevers die verplicht hebben moeten sluiten op basis van de Ministeriële Besluiten van 28 oktober 2020 en 1 november 2020 of die zwaar zijn getroffen door de coronamaatregelen. 

Meer informatie kan je terugvinden in de Administratieve instructies voor werkgevers > Premie voor de compensatie van RSZ-bijdragen derde kwartaal 2020.

Compensatie toeleveranciers

Er werd een compensatieregeling ingevoerd voor de toeleveranciers van werkgevers die verplicht hebben moeten sluiten op basis van de ministeriële besluiten van 28 oktober 2020 en 1 november 2020 en bepaalde sectoren.
Deze maatregel was van toepassing op toeleveranciers van ondernemingen die verplicht hebben moeten sluiten. Als toeleverancier moest de werkgever in 2019 een omzet hebben behaald die voor minstens 20% resulteerde uit goederen en/of diensten, geleverd aan deze getroffen bedrijven die verplicht moesten sluiten. Toeleveranciers die hun activiteiten in 2020 hebben aangevat, moesten in 2020 een omzet behalen die voor minstens 20% resulteert uit goederen en/of diensten, geleverd aan de bovenvermelde bedrijven die voor het publiek gesloten zijn.

Een aanvraag op basis van het tweede kwartaal 2020 was mogelijk tot 15 januari 2021. Een aanvraag op basis van het vierde kwartaal 2020 was mogelijk tot 15 februari 2021.

Meer informatie kan je terugvinden in de Administratieve instructies voor werkgevers > Premie voor de compensatie van RSZ-bijdragen derde kwartaal 202-toeleveranciers.

Europese Tijdelijke kaderregeling

Deze 3 maatregelen werd aangemeld onder het artikel 3.1 van de Tijdelijke kaderregeling in het kader van de huidige COVID-19-uitbraak. Dit artikel laat toe dat maximaal € 1.800.000 steun per onderneming kan worden toegekend. Voor ondernemingen actief in de landbouwsector bedraagt het maximum steunplafond € 225.000 en voor ondernemingen actief in de visserij en aquacultuursector € 270.000. Bij de berekening van deze drempel wordt de volledige subsidie, lening of waarborg meegeteld. Het voordeel wordt dus bij een lening of waarborg niet omgerekend naar een Bruto Subsidie Equivalent (BSE) zoals bij de Europese de-minimisverordening. 
Een lijstje van VLAIO maatregelen die werden aangemeld onder dit artikel vind je terug op Veel gestelde vragen: De-minimis (Welke steun valt er onder). Ook bepaalde andere Vlaamse en federale maatregelen werden hieronder aangemeld.

Blijf op de hoogte

Wil je op de hoogte blijven van wijzigingen van deze maatregel en andere maatregelen in de Subsidiedatabank? Dat kan via de gratis 'Nieuwsbrief van de Subsidiedatabank'.

Contact

Voor vragen over deze maatregel kan je contact opnemen op het gratis nummer 0800 300 20 (van 8:30 tot 17:00 uur). 

Adres

Victor Hortaplein 11
1060 Brussel
België

Telefoon