Steun land-en tuinbouwsector (coronavirus)

Laatst gewijzigd op 8 okt 2021 (Alle wijzigingen)

Samengevat

Voor wie
Ondernemingen in de land-en tuinbouwssector
Voor wat
ondersteuning tijdens de coronacrisis
Subsidies & Waarborg
steun varieert per instrument

Wat houdt de maatregel in

Ter ondersteuning van de land- en tuinbouwsector werden er ingevolge de coronacrisis verschillende maatregelen uitgewerkt door de Vlaamse Regering.  

Deze maatregel geeft een overzicht van een aantal maatregel die de Vlaamse overheid heeft uitgewerkt voor deze sector.

Projecten relance 2021

Het Vlaamse Relanceplan ‘Vlaamse Veerkracht’ bevat ook steunmaatregelen om groene investeringen op land- en tuinbouwbedrijven te stimuleren. In dit kader lopen momenteel volgende oproepen:

Projectoproep ‘realisatie eiwitstrategie’ 

Deze projectoproep moet de realisatie van de zes doelstellingen van de Vlaamse eiwitstrategie 2021-2030 versnellen, waarbij het einddoel een duurzamere, diverse en toekomstgerichte eiwitvoorziening in Vlaanderen is. Het uitbouwen van duurzame eiwitketens staat hierbij voorop, van producent tot consument. Deze duurzaamheid moet zowel ecologisch (minder gebruik van inputs zoals water, minder emissies, gezondere bodem, gezondere voeding…) als economisch (duurzaam verdienmodel) zijn. De projecten binnen deze oproep moeten nieuwe samenwerkingsverbanden creëren rond duurzame en gezonde eiwitten voor mens en/of dier. Dit moet de productie en consumptie van lokale, gezonde en duurzame eiwitten bevorderen. 

Een samenwerkingsverband kan bestaan uit een combinatie van individuele eiwitproducenten of groepen eiwitproducenten én minstens één verwerker of afnemer van eiwitbronnen. Daarnaast kunnen ook andere bedrijven of organisaties actief in de agrovoedingsketen deelnemen aan het samenwerkingsverband (zoals toeleveranciers, dienstenbedrijven, organisaties uit de agrovoedingsketen ,…), alsook kennis- of onderzoeksinstellingen en lokale of provinciale besturen. 

De steun per project is beperkt tot maximaal 80% van de totale subsidiabele kosten. De subsidie bedraagt bovendien maximum € 240.000 en minimum € 60.000 per project. De uitvoeringsperiode van de projecten bedraagt maximaal 2 jaar. De projecten voor deze oproep 2021 lopen tussen 1 februari 2022 en 30 juni 2024. Projectsteun kan aangevraagd worden door elke begunstigde. Elke begunstigde kan fungeren als hoofdaanvrager.

Meer info over de oproep ‘realisatie eiwitstrategie’.

Projectoproep ‘hergebruik restwater’

Deze oproep richt zich tot het hergebruik van ‘restwater’ (de verzamelnaam voor o.a. afvalwater, proceswater, bemalingswater en hemelwater). Projecten in de land- en tuinbouwsector die inzetten op uitdagingen rond toenemende waterbehoefte, dalende waterbeschikbaarheid en de principes van circulaire economie kunnen steun krijgen. De projecten moeten leiden tot een hoger gebruik van alternatieve waterbronnen in de land- en tuinbouwsector én verschillende sectoren verbinden om zo bij te dragen tot duurzaam, circulair watergebruik. Zo zullen de gekozen projecten niet alleen de landbouw wapenen tegen droogte, maar indirect ook de bevoorradingszekerheid van de voedingsnijverheid garanderen.

De projecten kunnen ingediend worden door door een samenwerkingsverband. Een samenwerkingsverband wordt opgezet tussen de aanbieders van restwater enerzijds en de afnemers van restwater anderzijds. Minstens drie landbouwers dienen als afnemers van restwater deel uit te maken van het samenwerkingsverband.
Bovenstaand samenwerkingsverband kan uitgebreid worden met ondersteunende partners (proefcentra, agrobeheersorganisaties, rioolbeheerders, drinkwatermaatschappijen, studiebureaus, onderzoeksinstellingen, lokale overheden…)

De steun per project is beperkt tot maximaal 80% van de totale subsidiabele kosten. De subsidie bedraagt bovendien maximum € 100.000 en minimum € 350.000 per project. De uitvoeringsperiode van projecten dient afgerond te zijn ten laatste eind 2025. De indiening van een projectaanvraag verloopt in twee fases, waarvan de eerste fase afsluit op 15 december 2021.

Meer info over de oproep ‘hergebruik restwater’.

Projectoproep ‘samenwerking en digitalisering in de land- en tuinbouwsector’

In deze oproep wordt gewerkt rond oplossingen voor water- en droogteproblematiek, klimaatverandering, duurzame energie en efficiënt beheer van natuurlijke hulpbronnen. Ook projecten rond een digitale transformatie met het oog op het verhogen van veerkracht en ondernemerschap van bedrijven met  aandacht voor droogte en waterproblematiek, zijn mogelijk. Er is steeds een duidelijke link met de doelstellingen uit BLUE-deal. Land- en tuinbouwers verenigd in een samenwerkingsverband kunnen binnen een project samenwerken  met andere actoren in de keten, onderzoeksinstellingen, belangenorganisaties, technologieleveranciers, adviesdiensten, andere (dienstverlenende) bedrijven, lokale of provinciale besturen.

Deze projecten kunnen ingediend worden door een samenwerkingsverband. De partners binnen een samenwerkingsverband zijn land- of tuinbouwers en kunnen aangevuld worden met andere actoren in de keten,  onderzoeksinstellingen, belangenorganisaties, technologieleveranciers, adviesdiensten, andere (dienstverlenende) bedrijven, lokale of provinciale besturen. De partners moeten relevant zijn om het beoogde resultaat te bekomen.
Een samenwerkingsverband is bij voorkeur geformaliseerd in een vennootschap of rechtspersoon. 

Het steunpercentage op subsidiabele investeringskosten bedraagt maximaal 40% en maximaal 80% op de subsidiabele externe prestaties, personeels- en werkingskosten. De subsidie bedraagt bovendien maximum € 240.000.

Meer info over de oproep ‘samenwerking en digitalisering in de land- en tuinbouwsector'.

Afgelopen steunacties

Crisismaatregelen Europa

Marktstabilisatiemaatregelen aardappel-, sierteelt- en zuivelsector: De Europese Commissie staat een tijdelijke afwijking toe op de normale mededingingsregelgeving voor sierteelt, aardappelen bestemd voor de verwerking en voor de zuivelsector. Meer informatie kan je vinden op Landbouwbeleid/Landbouwbeleid EU/Certificaten, restituties en interventies/Interventie/Marktstabilisatiemaatregelen aardappel-, sierteelt- en zuivelsector.

Particuliere opslag van zuivelproducten en vlees: Soms worden producten uit de markt gehaald om ongewenste prijsdalingen te voorkomen en de landbouwmarkten te ondersteunen, bv. in crisissituaties. Die producten worden weer op de markt gebracht als de situatie voldoende verbeterd is.
In deze crisis laat Europa het toe om voor bepaalde producten dergelijke interventies uit te voeren. Meer informatie over de particuliere opslag van vlees, boter, kaas en mageremelkpoeder kan je terugvinden op lv.vlaanderen.be/nl/landbouwbeleid/landbouwbeleid-eu/certificaten-restituties-en-interventies/interventies-4.

Vlaams noodfonds sierteelt en aardappelsector

Het Vlaams noodfonds heeft € 35 miljoen toegekend aan de sierteelt- en de aardappelsector, die zwaar getroffen werd door de coronacrisis:

  • Professionele siertelers die minstens 50% van hun omzet uit sierteeltproductie halen, komen in aanmerking voor een vergoeding als ze door de COVID-19 maatregelen in de periode 16 maart tot 30 mei 2020 per sierteeltgroep of teelt een omzetdaling hadden van minimaal 30 of 50% (afhankelijk van de categorie) ten opzichte van dezelfde periode in 2017, 2018 en 2019. Aanvragen kon tot uiterlijk 11 september 2020.
  • Aardappeltelers kunnen uit het COVID-steunfonds een vergoeding krijgen voor de vrije bewaaraardappelen die nog in stock lagen op 15 mei 2020. Aanvragen kon tot uiterlijk 28 augustus 2020.
VLIF-waarborgregeling Covid 19

Land- en tuinbouwbedrijven die kampten met financiële problemen, konden voor een krediet voor werkingsmiddelen en herfinanciering in het kader van deze uitzonderlijke gebeurtenissen rekenen op een tijdelijke waarborg via het Vlaams Landbouwinvesteringsfonds (VLIF). Aanvragen kon tot uiterlijk 30 september 2020. Meer informatie over deze waarborg kan je raadplegen op: VLIF-waarborgregeling Covid19.

Deze maatregel valt onder de toepassing van de Europese de minimis-regelgeving. Het steungedeelte of het bruto-subsidie-equivalent van het gewaarborgd kredietgedeelte bedraagt maximaal € 20.000. Voor de primaire productie bedraagt de toegelaten de-minimissteun per onderneming maximaal € 20.000 per periode van drie belastingjaren. Zie ook de begunstigde ondertekent de de-minimisverklaring.

VLIF-waarborgregeling slechte conjunctuur

Land- en tuinbouwbedrijven die kampten met liquiditeitsproblemen ten gevolge van de huidige slechte conjunctuur konden voor een krediet voor werkingsmiddelen en herfinanciering in het kader van deze uitzonderlijke gebeurtenissen rekenen op een tijdelijke waarborg via het Vlaams Landbouwinvesteringsfonds (VLIF). Deze maatregel werd via het Ministerieel Besluit van 15 december tijdelijk geactiveerd. Tot en met 30 september 2021 konden land- of tuinbouwers een steunaanvraag indienen.

Deze maatregel valt onder de toepassing van de Europese de minimis-regelgeving. Het steungedeelte of het bruto-subsidie-equivalent die de land- en tuinbouwers onder de de-minimisvrijstelling ontvangen, mag in een periode van drie belastingsjaren niet hoger zijn dan € 20.000. Meer informatie over deze regelgeving.

Blijf op de hoogte

Wil je op de hoogte blijven van wijzigingen van deze maatregel én andere maatregelen in de Subsidiedatabank van VLAIO? Dat kan via de gratis Nieuwsbrief van de Subsidiedatabank.