INFINITEX - Living Lab waardeketen circulair consumententextiel > resultaten
Samenvatting
Infinitex is een living lab project van Thomas More hogeschool dat duurzame oplossingen zoekt voor de textielindustrie. Op dit moment overheerst fast-fashion en is de productie van kledij erg vervuilend. Hoe kunnen we minder grondstoffen gebruiken? En hoe kan textiel intensiever (her)gebruikt worden? Dit living lab wil dan ook een zichtbare en meetbare vooruitgang realiseren in het verlengen van de levensduur of intensiever gebruik van consumententextiel
De uitdaging
De huidige snelheid van de mode-industrie en het consumptiepatroon dat daarmee gepaard gaat, maakt dat onze kleding veel te snel op de afvalberg belandt. Bovendien onderbenut de consument reeds bestaande kleding, want die wordt te kort en te weinig gebruikt.
Leerlessen en resultaten
Met het INFINITEX project willen we als Thomas More-hogeschool samen met modebedrijven en retailers zoals E5, Xandres, Filou & Friends, Supergoods, Atelier Noterman en Dressr in co-creatie met experts okret, UNDO, Time2Trace en Quifactum en Herw!n (sociale economie) inzetten op de implementatie en opschaling van circulaire businessmodellen op lokaal grondgebied.
Door deze nieuwe businessmodellen te gaan optimaliseren voor lokale actoren, willen we een zichtbare en meetbare vooruitgang realiseren met betrekking tot het verlengen van de levensduur of intensiever gebruik van consumententextiel.
Resultaten
Er werden 14 experimenten opgestart.
- Er ontstonden 5 operationele logistieke hubs die service modellen voor textiel mogelijk maken: (1) Wasatelier Alternatief, (2) One stop shop door Okret, (3) Kringwinkel Antwerpen met productanalyse, (4) sorting-as-a-service door Reloved en (5) recommerce services door CWS.
- Tot slot werden 6 circulaire services door consumenten geaccepteerd en zullen deze verderlopen na het living lab: (1) Dressr (rental), (2) Filou & Friends (takeback & resale), (3) + (4) Xandres (takeback & resale + repair), (5) Supergoods (takeback & resale), (6) e5 (repair)
Lange termijn resultaten
- We bouwen mee aan een sterke huurpropositie voor kleding in de Vlaamse markt. We voerden als een van de eersten onderzoek uit naar de impact op de kledingkoopgewoontes van huurders. De frequentie waarmee nieuwe kleding gekocht wordt, neemt af na lidmaatschap. (Doelgroepbevraging huur).
- We dragen bij aan de normalisering van tweedehandskleding. Een van de opvallendste trends is de omarming van tweedehandskleding in Vlaanderen. In 2024 koopt maar liefst 57% van de Vlaamse consumenten tweedehands, een grote sprong ten opzichte van 37% in 2021 (De Modemonitor, 2024). De experimenten binnen de living lab hebben hier ongetwijfeld toe bijgedragen. Een tweedehandsaanbod wordt zo steeds normaler in de klassieke winkelstraten.
Wat is er veranderd?
- Waar het vroeger de vraag was waarom een modebedrijf met circulariteit bezig moet zijn, hebben we vanuit de living lab mee gezorgd voor de evidentie van circulaire businessmodellen door modebedrijven. De vraag is nu niet meer waarom, maar eerder hoe?
- Daarnaast hebben we ook het inzicht gebracht dat consumenten niet duurzaamheid als eerste motivatie hebben, maar prijs, gemak of aanbod. En dat circulaire modellen hier dus aan moeten voldoen om te slagen.
- We hebben aandacht gebracht voor de rendabiliteit en efficiëntie van circulaire businessmodellen. We ontdekten dat het vinden van nieuwe doelgroepen met het circulaire aanbod een groot zakelijk voordeel is van circulaire businessmodellen.
- Ook het betrekken van het winkelpersoneel van de retailers is onontbeerlijk voor de succesvolle integratie van circulaire businessmodellen.
Het project bracht enkele bredere inzichten naar voren.
- Een eerste vaststelling is dat de waardeperceptie van kleding onder druk staat door ultra-fast fashion en de lage prijzen op platformen zoals Vinted. Dit maakt het voor merken moeilijk om tweedehandsartikelen aan te bieden tegen prijzen die hun waarde weerspiegelen.
- Daarnaast stuiten ondernemers op interne drempels, zoals hoge winkelhuren en beperkte ruimte om circulaire initiatieven naast de hoofdcollectie te tonen. Dit bemoeilijkt de economische haalbaarheid.
De belangrijkste rimpeleffecten zijn een grotere interne expertise bij de modebedrijven, de zichtbaarheid van circulaire concepten bij het grote publiek en een netwerk van partners waarmee we ook na Infinitex verder kunnen bouwen. Voor de sector betekent dit dat circulaire businessmodellen niet langer een randfenomeen zijn, maar steeds meer geïntegreerd raken in de praktijk.
Kortom: Infinitex gaf ons de tools én de context om echte verandering in gang te zetten — met effect dat doorloopt tot ver buiten het project.
Meer informatie