Overslaan en naar de algemene inhoud gaan

U bent hier

Investeringsaftrek

Bekijk PDFPagina printen
Laatste revisiedatum 25 apr '16

Een onderneming, die bij de oprichting of uitbreiding van haar activiteiten een investering uitvoert, kan onder bepaalde voorwaarden een investeringsaftrek verkrijgen. Dit is een fiscaal voordeel waarbij men een bepaald percentage van de aanschaffings- of beleggingswaarde van de investeringen uitgevoerd tijdens het belastbaar tijdperk, mag aftrekken van de belastbare winst. Het percentage past men éénmalig toe op de aanschaffings-of beleggingswaarde van de goederen. In enkele gevallen mag men de aftrek spreiden over de afschrijvingsperiode van de investeringen.

Vooral de verhoogde aftrekken zijn belangrijk: voor energiebesparende investeringen, beveiliging, digitale investeringen, milieuvriendelijke investeringen in O&O,enz.. 

Indien de winst onvoldoende is, mogen de investeringsaftrekken die niet kunnen worden verricht, onder bepaalde voorwaarden overgedragen worden op de winsten van de volgende belastbare tijdperken.

Vanaf aanslagjaar 2017 (inkomsten 2016) geldt voor de 'gewone' investeringsaftrek nu een vast percentage. De (gespreide) verhoogde  investeringsaftrekken blijven echter berekend worden op een basispercentage dat varieert naargelang de index van de consumptieprijzen. 
Vanaf 2016 is er ook een verhoogde gespreide investeringsaftrek mogelijk voor productiemiddelen van hoogtechnologische producten, op voorwaarde dat de Europese Commissie dit nog goedkeurt.

Wie komt in aanmerking

De investeringsaftrek kan, afhankelijk van de categorie (zie tabel met toelichting), genoten worden door eenmanszaken, kleine en grote vennootschappen die winsten ontvangen uit een industriële, commerciële of landbouwactiviteit. Ook de beoefenaars van vrije beroepen komen in aanmerking. Vzw’s zijn bijgevolg uitgesloten.

Wat komt in aanmerking

In de algemene regel moet het gaan om materiële vaste activa die in nieuwe staat zijn verkregen of tot stand gebracht en om nieuwe immateriële vaste activa.Deze activa moeten in België uitsluitend voor het uitoefenen van de beroepswerkzaamheid worden gebruikt en ze moeten ten minste over drie jaar afschrijfbaar zijn. ‘Leasing’ komt ook in aanmerking.

Volgende investeringen zijn uitgesloten van de investeringsaftrek:

  • niet uitsluitend voor het beroep gebruikte activa;
  • activa die geen rechtstreeks verband houden met de bestaande of geplande economische werkzaamheid
  • de gebouwen aangeschaft in het vooruitzicht van wederverkoop;
  • de bijkomende lasten indien ze niet samen met de activa waarop ze betrekking hebben, worden afgeschreven;
  • de personenwagens en de wagens voor dubbel gebruik;
  • activa waarvan het recht van gebruik op een andere wijze dan leasing, erfpacht, ... (bvb. via een huurovereenkomst) aan een derde wordt verleend. Een uitzondering wordt echter gemaakt als de gebruiker een natuurlijk persoon is of een vennootschap die het gehuurde goed gebruikt voor de uitoefening van de beroepsactiviteit.
  • activa waarvan het recht van gebruik van een leasing-, erfpacht-, opstal-, of gelijkaardige overeenkomst aan een derde worden overgedragen;
  • activa die niet afschrijfbaar zijn of worden afgeschreven over een termijn van minder dan 3 belastbare tijdperken.

Omvang steun

Voor de investeringen uitgevoerd in 2016 (aanslagjaar 2017) gelden volgende percentages:

Aanslagjaar 2017 Natuurlijke
personen

Kleine
vennootschappen(1)

Andere vennootschappen
Gewone investeringen (2) 8% 8% (12) -
Gespreide aftrek voor gewone investeringen (3) 10,5% - -
Energiebesparende investeringen (4) 13,5% 13,5% 13,5%
Octrooien (5) 13,5% 13,5% 13,5%
Milieuvriendelijke investeringen in O&O (5) (6) 13,5% 13,5% 13,5%
Gespreide aftrek  milieuvriendelijke investeringen in O&O (7) 20,5% 20,5% 20,5%
Investeringen ter bevordering van herbruikbare verpakkingen (8) - - 3%
Investeringen in beveiliging (9) 20,5% 20,5% -
Investeringen in zeeschepen (10) - 30% 30%
Investeringen in rookafzuig- of verluchtingssystemen in horeca-inrichtingen (11) 13,5% 13,5% 13,5%
Digitale investeringen (13) 13,5% 13,5% -
Gespreide aftrek hoogtechnologische producten (14) 20,5% 20,5% 20,5%

Toelichting bij de tabel

1.Definitie vanaf 1 januari 2016: kleine vennootschappen (zoals gedefinieerd in §§1 tot 6 van artikel 15 van het Wetboek van vennootschappen) zijn vennootschappen die voor het laatst afgesloten boekjaar niet meer dan één van de volgende criteria overschrijden:
  • Jaargemiddeld personeelsbestand: 50 werknemers;
  • Jaaromzet exclusief btw: €9.000.000;
  • balanstotaal: €4.500.000.

Wanneer meer dan één van de criteria worden overschreden of niet meer worden overschreden, heeft dit slechts gevolgen wanneer dit zich in twee opeenvolgende boekjaren voordoet. De gevolgen gaan dan in vanaf het daaropvolgende boekjaar.

De criteria moeten op geconsolideerde basis worden bekeken wanneer het gaat om een moedervennootschap of om een vennootschap die behoort tot een consortium. Wanneer er boekhoudkundig geen consolidatie wordt opgemaakt, kan men kiezen voor een alternatieve consolidatie: verhoging van de criteria met 20%.

Opm.: voor boekjaren die zijn aangevangen vóór 1/1/2016 is de definitie nog van toepassing van het vroegere artikel 15 van het Wetboek van vennootschappen en/of van de definitie die volgende voorwaarden hanteerde: de aandelen of delen van de vennootschap behoren voor meer dan de helft toe aan één of meer natuurlijke personen, en deze aandelen moeten de meerderheid van het stemrecht in de vennootschap vertegenwoordigen.

2.De gewone investeringsaftrek voor kmo-vennootschappen was afgeschaft vanaf AJ 2007 als gevolg van de “notionele interestaftrek” die vanaf AJ 2007 van kracht werd. In 2014 en 2015 was er een tijdelijke herinvoering die nu bestendigd wordt vanaf 2016. De vennootschappen die opteren voor deze investeringsaftrek kunnen niet de notionele interestaftrek toepassen.

3.De gespreide aftrek voor gewone investeringen kan enkel worden toegepast indien de onderneming minder dan 20 werknemers tewerkstelt. 
Sinds het aanslagjaar 2007 is de gespreide aftrek voor vennootschappen afgeschaft. Indien die aftrek echter werd verleend voor een vroeger aanslagjaar, dan blijft de investeringsaftrek lopen voor de resterende periode ervan.

4.Om te kunnen genieten van de verhoogde investeringsaftrek voor energiebesparende investeringen moeten deze investeringen opgenomen zijn in een bepaalde categorie. Een lijst van deze categorieën vindt u in bijlage.

5.Voor de ‘verwerving’ van octrooien kan een verhoogde investeringsaftrek worden toegepast. Sinds het aanslagjaar 2007 kunnen vennootschappen opteren voor het belastingkrediet voor onderzoek en ontwikkeling. Het fiscale voordeel wordt hierbij niet toegekend in de vorm van een aftrek van het fiscale resultaat, maar op de verschuldigde vennootschapsbelasting wordt er een belastingvermindering toegepast. Vennootschappen die kiezen voor dit belastingkrediet kunnen nooit meer de investeringsaftrek toepassen voor octrooien en milieuvriendelijke investeringen in onderzoek en ontwikkeling (zowel de éénmalige als de gespreide).

6.Milieuvriendelijke investeringen in onderzoek en ontwikkeling zijn investeringen in onderzoek en ontwikkeling van nieuwe producten en toekomstgerichte technologieën die geen negatief effect op het leefmilieu hebben of die het negatieve effect op het leefmilieu beogen te minimaliseren. Om van deze aftrek te kunnen genieten, moet het bedrijf een R&D-afdeling hebben.

7.Voor de gespreide aftrek voor milieuvriendelijke investeringen in O&O is de voorwaarde van een tewerkstelling van minder dan 20 werknemers niet van toepassing.

8.Investeringen met betrekking tot productie en recyclage van herbruikbare verpakkingen geven recht op een aftrek van 3% voor 'andere' vennootschappen. Voor natuurlijke personen en kmo-vennootschappen is dit immers niet relevant gezien het percentage van 3% veel lager is dan de gewone investeringsaftrek van 8%.

9.Deze categorie betreft de investeringen voor de beveiliging van de beroepslokalen. Gratis advies hieromtrent kan men inwinnen bij de preventie-ambtenaar in de betrokken politiezone. Een goedkeuring van deze ambtenaar is evenwel niet meer vereist.

10.De investeringsaftrek van 30% voor investeringen in zeeschepen is enkel van toepassing op vennootschappen die uitsluitend winst uit zeescheepvaart verkrijgen.

11.Deze investeringsaftrek is specifiek voor horeca-inrichtingen die investeren in een rookafzuigsysteem of een verluchtingssysteem in een rookkamer.

12.De 'gewone' investeringsaftrek voor kleine vennootschappen onder bepaalde voorwaarden:

  • de investering in de vaste activa moet rechtstreeks verband houden met de bestaande of geplande economische werkzaamheden die de vennootschap werkelijk uitoefent;
  • activa die uitgesloten zijn van de notionele intrestaftrek zijn ook hier uitgesloten;
  • als men kiest voor de investeringsaftrek heeft men voor datzelfde boekjaar geen recht op de notionele intrestaftrek;
  • bij geen of onvoldoende winst is de overdracht van het saldo enkel mogelijk naar het eerstvolgende boekjaar.

13. In aanmerking komen de digitale vaste activa die dienen voor de integratie en de exploitatie van digitale betalings- en factureringssystemen en de systemen die dienen voor de beveiliging van informatie- en communicatietechnologie. Ook eenmanszaken moeten hier beantwoorden aan de criteria van artikel 15 §§ 1 tot 6 van de vennootschappenwet (zie definiëring onder 1.).
Ook de investering in een witte kassa of in een webshop voor e-commerce komen in aanmerking voor het fiscaal voordeel.

14.De investeringen hebben betrekking op vaste activa in productiemiddelen van hoogtechnologische producten; het moet gaan om producten waarvan de productie nieuw is en die gepaard gaan met verhoogde uitgaven in O&O. Welke activa juist in aanmerking komen moet nog worden vastgelegd bij KB. Er is ook nog een akkoord nodig van de Europese Commissie.

Aanvraagprocedure

Formulier 275 U ingevuld, gedateerd en ondertekend  bij de belastingsaangifte voegen.
De belastingplichtige die geopteerd heeft voor de gespreide aftrek moet dit formulier elk jaar bij zijn aangifte voegen tot het volledig investeringsbedrag is afgetrokken.

Per categorie van vaste activa een opgave opstellen (deze opgave dient ter beschikking van de administratie te worden gehouden), met volgende inlichtingen:

  • datum van aanschaffing of verwerving;
  • de juiste benaming;
  • de aanschaffings- of beleggingswaarde;
  • de normale gebruiksduur en de afschrijvingsduur.

Voor de energiebesparende investeringen moet het attest, om bij de belastingsaangifte te voegen, digitaal worden aangevraagd, op straffe van verval, binnen drie maanden na de laatste dag van het belastbaar tijdperk waarin de activa zijn verworven, via: www.energiesparen.be/inleiding-formulier-verhoogde-investeringsaftrek .
Facturen moeten, samen met een ondertekende verklaring op erewoord en een automatische gegenereerde samenvatting van de dossiergegevens, opgestuurd worden naar:

Vlaamse Overheid
Vlaams Energie Agentschap
Koning Albert II-laan 20, bus 17
1000 Brussel
T 02 553 46 00
F 02 553 46 01
E-mail: energie@vlaanderen.be
Website: www.energiesparen.be

Voor de milieuvriendelijke investeringen in onderzoek en ontwikkeling moet bij de aangifte van de inkomstenbelastingen van het tijdperk waarin de bedoelde bestanddelen zijn aangeschaft of tot stand gebracht, een attest worden bijgevoegd.

Een aanvraagformulier tot het verkrijgen van dit attest, dat het milieuvriendelijk karakter van de investering moet bevestigen, wordt aangevraagd bij:

Vlaamse Overheid
Departement Leefmilieu, Natuur en Energie (LNE)
Milieu-integratie en -subsidiëringen
Graaf de Ferraris-gebouw, 2de verdieping
Koning Albert II-laan 20, bus 8
1000 Brussel
T 02 553 80 56 / 02 553 80 62
F 02 553 80 55
E-mail: attest-O-O@lne.vlaanderen.be
Website: www.lne.be

De verwerving van de octrooien moet gestaafd worden door:

  • een afschrift van het contract op grond waarvan de onderneming het octrooi of het recht tot exploitatie ervan heeft aangeschaft;
  • het bewijs dat het octrooi of het recht tot exploitatie ervan nooit door een andere onderneming voor het uitoefenen van haar beroepswerkzaamheid in België is gebruikt.

Voor de investeringen in beveiliging is de procedure vanaf aanslagjaar 2008 sterk vereenvoudigd. De uitgaven dient u op ten nemen in uw belastingsaangifte.

Volgende documenten moet u ter beschikking houden voor de FOD financiën:

  • Facturen van de investering;
  • Betalingsbewijzen van deze facturen;
  • Verklaring van de aannemer op de factuur of bijlage die de kwaliteit van het materiaal garandeert;
  • Voor de alarmsystemen en de volgsystemen, het bewijs van een geschreven overeenkomst met een goedgekeurde alarmcentrale;
  • Voor de camerasystemenen, het attest dat bewijst dat het systeem werd aangegeven bij de Commissie ter Bescherming van de Persoonlijke Levenssfeer.

De aannemer moet aangeven in welke beroepslokalen de werken werden uitgevoerd en een verklaring afleggen over de kwaliteit ervan. De aannemer moet dus aantonen dat de investeringen en materialen voldoen aan de wettelijke vereisten. Voor advies met betrekking tot beveiliging van uw beroepslokalen kunt u steeds terecht bij de technopreventieve adviseurs van uw politiezone. De contactgegevens van deze adviseurs alsook een lijst van de materialen die recht geven op een fiscale aftrek kunt u terugvinden op de website www.besafe.be/ondernemers/investeringsaftrek-beveiliging

Bijkomende inlichtingen kunt u verkrijgen bij:

FOD Binnenlandse Zaken
Algemene Directie Veiligheid en Preventie
Directie Locale Integrale Veiligheid
Waterloolaan 76
1000 Brussel
T 02 557 35 55
E-mail: sliv@ibz.fgov.be
Website: www.besafe.be

Contact informatie

Bijkomende informatie over deze maatregel kan u terugvinden op de website van Financiën (zie Ondernemingen > vennootschapsbelasting > belastingvoordelen).

FOD Financiën
Contactcenter
Koning Albert II-laan 33 bus 25
1030 Brussel
T 02 572 57 57

Laatste wijzigingen

Bekijk de laatste wijzigingen aan deze steunmaatregel.


UP