Overslaan en naar de algemene inhoud gaan

U bent hier

Strategische ecologiesteun (STRES)

Bekijk PDFPagina printen
Laatste revisiedatum 19 mei '17

Ondernemingen kunnen voor groene investeringen in "strategische" spitstechnologie in het Vlaamse Gewest een subsidie bekomen van Agentschap Innoveren & Ondernemen. De minimum investering bedraagt €3 miljoen. Het steunpercentage varieert van 20 tot 40% en is afhankelijk van de performantie van de technologie, de grootte van de onderneming en de aanvaarde meerkost van de essentiële componenten.

Met deze steunmaatregel wil de Vlaamse Overheid kmo’s en grote ondernemingen stimuleren om te investeren in groene spitstechnologie. In technologieën die omwille van hun unieke bedrijfsspecifieke karakter niet kunnen gestandaardiseerd worden en daardoor niet voorkomen op de limitatieve technologieënlijst van de klassieke ecologiesteunregeling EP-PLUS. Ondernemingen kunnen voor hun individueel of gemeenschappelijk ecologisch investeringsproject, strategische ecologiesteun aanvragen.

Het strategisch karakter van een investeringsproject wordt afgetoetst aan de hand van volgende voorwaarden:

  • het project biedt een globale milieu- of energieoplossing op ondernemingsniveau met gesloten energie- (1) en materiaalkringlopen en procesgeïntegreerde oplossingen. Ecologie-investeringen die opgenomen zijn of potentieel in aanmerking komen om opgenomen te worden op de LTL moeten een minderheid van het totale project uitmaken;
  • het project kadert in een globale visie van de onderneming  ten aanzien van het milieu of het duurzaam energiegebruik in de onderneming;
  • het project streeft generieke milieu- of energiebeleidsdoelstellingen (2) na.

(1) Onder gesloten energiekringen wordt verstaan ‘investeringen die een maximale energie-efficiëntie nastreven, een bijdrage leveren aan de zelfvoorziening in energie of waarbij het gebruik van hernieuwbare energie wordt gemaximaliseerd.

(2) Onder generieke milieu- of energie beleidsdoelstellingen wordt verstaan het nastreven van doelstellingen op milieuthema’s zoals deze o.a. in Mira-T zijn opgenomen. In het meest recente Mira-T-rapport van 2011 worden volgende milieuthema’s vermeld: zware metalen, fijn stof, hinder, verzuring, fotochemische luchtverontreiniging, aantasting van de ozonlaag, klimaatverandering, waterhuishouding (inclusief hergebruik water), bodemverontreiniging, afval (inclusief hergebruik grond- en hulpstoffen).

Deze steunregeling (STRES) is een aanvulling op de ecologiepremieregeling (EP plus). In tegenstelling tot de ecologiepremie plus (EP plus), waarbij een onderneming een keuze moet maken uit  gestandaardiseerde technologieën die op de van toepassing zijnde limitatieve technologieënlijst (LTL) staan, komt de strategische ecologiesteun tegemoet aan specifieke en grotere investeringsprojecten.

Wie komt in aanmerking

Een onderneming dient aan volgende voorwaarden te voldoen:

  • een onderneming zoals vermeld in artikel 3 van het decreet van 16 maart 2012 betreffende het economisch ondersteuningsbeleid;
  • zij realiseert haar investeringen in het Vlaamse Gewest;
  • zij oefent een aanvaardbare hoofdactiviteit (NACE-code) uit;
  • een administratieve  overheid  heeft geen dominerende invloed in de onderneming. Er is een vermoeden van een dominerende invloed indien 50% of meer van het kapitaal of de stemrechten van deze onderneming rechtstreeks of onrechtstreeks in handen van een administratieve overheid zijn. Dit vermoeden kan weerlegd worden indien de onderneming kan aantonen dat de administratieve overheid geen dominerende invloed uitoefent op het beleid van de onderneming;
  • de onderneming is voor de indieningsdatum van de steunaanvraag toegetreden tot de energiebeleidsovereenkomst (EBO) die voor haar van toepassing is op de indieningsdatum van de steunaanvraag;
  • de onderneming toont het stimulerende karakter aan van de ecologiesteun op de geplande investeringen;
  • de onderneming heeft op de indieningsdatum geen achterstallige schulden bij de RSZ en geen procedure op basis van Europees of nationaal recht lopen waarbij een toegekende steun wordt teruggevorderd;
  • de onderneming voert een haalbaarheidsstudie uit waaruit de technische en economische haalbaarheid blijkt van de geplande ecologie-investeringen.
Vzw’s zijn geen aanvaardbare juridische vorm..
Een onderneming in moeilijkheden wordt uitgesloten van steun ingevolge Europese regelgeving.

Wat komt in aanmerking

Enkel strategische ecologie-investeringen van een individueel of gemeenschappelijk project, met een minimum aanvaardbaar investeringsbedrag van €3 miljoen komen in aanmerking.

De ecologie-investeringen worden door VITO getoetst aan de basisvoorwaarden zoals gesteld in de Europese milieukaderregeling en zijn gericht op:

  • het overtreffen van bestaande Europese normen (voor zover er geen strengere Vlaamse normen van toepassing zijn); Voor de aanschaf van nieuwe vervoersmiddelen moeten enkel de Europese normen worden overtroffen die in werking zijn getreden;
  • het behalen van milieudoelstellingen waarbij geen Europese normen gelden.

De volgende ecologie-investeringen komen niet voor steun in aanmerking:

1° de ecologie-investeringen die vroeger zijn geactiveerd en opgenomen in de afschrijvingstabel, en die verworven worden van:
  • een onderneming waarin de steunaanvragende onderneming rechtstreeks of onrechtstreeks participeert;
  • een onderneming die rechtstreeks of onrechtstreeks participeert in de steunaanvragende onderneming;
  • een verwante patrimoniumvennootschap;
  • een onderneming die hiervoor reeds ecologiesteun heeft ontvangen;
2° de ecologie-investeringen die verworven worden van een zaakvoerder, een bestuurder of een aandeelhouder van de steunaanvragende onderneming;
3° de ecologie-investeringen die in geval van aankoop niet verworven worden in volle eigendom;
4° de ecologie-investeringen die gratis of onder bezwarende titel ter beschikking worden gesteld aan derden;
5° ecologie-investeringen die in aanmerking komen voor steunverlening via warmtekrachtcertificaten als vermeld in het titel, VII, hoofdstuk I, van het Energiedecreet;
6° ecologie-investeringen die in aanmerking komen voor steunverlening via groenestroomcertificaten als vermeld in het titel, VII, hoofdstuk I, van het Energiedecreet;
7° de ecologie-investeringen die een onderdeel uitmaken van de ecologie-investeringen, vermeld in punt 5° en 6°;
8° de ecologie-investeringen met betrekking tot de oprichting, uitbreiding of modernisering van een bedrijvencentrum of een doorgangsgebouw;
9° de ecologie-investeringen die op een periode van minder dan drie jaar worden afgeschreven.

Grote ondernemingen die niet in aanmerking komen voor technologieën op de LTL van de EP Plus, kunnen hiervoor ook geen strategische ecologiesteun genieten.

Omvang steun

De hoogte van de steun is afhankelijk van:

  • performantie van de technologie: ecologiegetal 3 tot 9/ecoklasse B tot A;
  • grootte van de onderneming: kmo of go (Europese definitie), voor de bepaling van de bedrijfsgrootte wordt er gekeken naar de twee boekjaren voorafgaand aan het moment van indiening van de steunaanvraag;
  • aanvaarde meerkost van de essentiële componenten;
  • vanaf 2015 wordt in de berekening van de meerkost van energiebesparende investeringen de energiebaten gedurende een aantal jaar, niet meer in mindering gebracht waardoor de nettosteun (steunpercentage x meerkostpercentage x aanvaarde investeringen) verhoogt;
  • met ingang van 11 maart 2015 worden de steunpercentages voor zowel milieu-investeringen, investeringen op energiegebied en investeringen ten behoeve van energie uit hernieuwbare energie of hoogrenderende warmtekrachtkoppeling als volgt toegepast:

Ecoklasse

Ecologiegetal

 kmo

 go
 A  9-6  40%  30%
 B  4-3  30%  20%
De steun per onderneming is beperkt tot maximum €1 miljoen per drie jaar.

Bijkomende voorwaarden

De indiening van de steunaanvraag moet voor de start van de investeringen gebeuren.

Voor aanvragen vanaf 1 april 2016 is de vroegst mogelijke startdatum van het project de eerste dag van de maand die volgt op de maand waarin de steunaanvraag wordt ingediend.

Stavingsstukken dienen binnen de 15 kalenderdagen na de aanvraag bezorgd te worden.

De start van de investeringen dient binnen de 6 maanden na de beslissing tot toekenning van de steun aangevat te worden.

De investeringen moeten ten laatste 3 jaar na de goedkeuring beëindigd zijn.

De investeringen moeten 5 jaar na realisatie door de aanvragende onderneming geëxploiteerd en behouden blijven.

Aanvraagprocedure

De aanvraag van strategische ecologiesteun gebeurt aan de hand van het aanvraagformulier op www.vlaio.be/artikel/strategische-ecologiesteun.

De behandeling gebeurt op dossierbasis en wordt beoordeeld in drie stappen waarna een voorstel tot steuntoekenning aan de Vlaams Minister voor Economie wordt voorgelegd:

  • Stap 1: In deze stap wordt door de beoordelingscommissie geoordeeld over het strategisch karakter van het investeringsproject.
  • Stap 2: In deze stap beoordeelt de dossierbehandelaar of de aanvraag ontvankelijk is en voldoet aan de wettelijke voorwaarden.
  • Stap 3: De Vlaamse Instelling voor Technologisch Onderzoek (VITO) beoordeelt de technische aspecten van de investeringen:
    • de in aanmerking komende investeringen;
    • de meerkost;
    • de performantie (ecologiegetal/ecoklasse).

Uitbetalingsprocedure

De steun wordt uitbetaald in drie schijven:

  • De eerste schijf van 30% na realisatie van 30% van de investeringen.
  • De tweede schijf van 30% na realisatie van 60% van de investeringen.
  • De derde schijf van 40% na realisatie van de investeringen en na inspectie.

De steun moet ten laatste 12 maanden na de beëindiging van de investering (laatste factuur) opgevraagd worden.

Contact Informatie

Agentschap Innoveren & Ondernemen
Afdeling Bedrijfs- en omgevingssteun
Koning Albert II-laan 35 bus 12
1030 Brussel
T 0800 20 555
F 02 553 37 88
ecologiepremie@vlaio.be

Laatste wijzigingen

Bekijk de laatste wijzigingen aan deze steunmaatregel.

Gerelateerde maatregel


UP