Overslaan en naar de algemene inhoud gaan

U bent hier

Vrijstelling registratierechten

Om de zware kosten en lasten bij de uitvoering van een Brownfieldproject te drukken, voorziet het Wetboek der registratie-, hypotheek en griffierechten daarom in een vrijstelling van het registratierecht bij de overdracht van de projectgronden in het kader van de ontwikkeling van een brownfieldproject (artikel 161, 14°).

Hoe aanvragen?

De vrijstelling van registratierechten kan worden verkregen door samen met de te registreren akte een attest  in het betrokken registratiekantoor te overhandigen. Indien het attest achteraf wordt ingediend is geen vrijstelling van registratierechten mogelijk. Terugvordering van reeds betaalde rechten is dus niet mogelijk.

Het attest  waarvan sprake is feitelijk een verklaring die door de koper dient te worden ingevuld. Hij dient hierin wel het referentienummer te vermelden waaronder zijn project bij het Agentschap Ondernemen bekend is.

De beslissing over het al dan niet toekennen van de vrijstelling ligt volledig bij het registratiekantoor. Het Agentschap Innoveren & Ondernemen heeft hierin geen bevoegdheid.

Wat zijn de voorwaarden?

> ‘met het oog op de realisatie van een brownfieldproject’

De overdracht moet het bereiken van de doelen van het brownfieldproject mogelijk maken. De vrijstelling heeft dus betrekking op de aankoop van projectgronden door de projectontwikkelaar. De verkoop van delen van een afgewerkt project aan eindgebruikers kan dus niet van deze vrijstelling genieten.
Indien het brownfieldconvenant enkel het bouwrijp maken (slopen, saneren en infrastructuur aanleggen) van bepaalde terreinen tot doel heeft, is er ook geen vrijstelling voor de verkoop van bouwrijpe gronden aan projectontwikkelaars die de verdere ontwikkeling op zich nemen.

> ‘het brownfieldproject niet tijdig wordt gestart of gerealiseerd conform de in het brownfieldconvenant opgenomen voorwaarden’

Indien de projectontwikkelaar de voorwaarden die in het convenant worden opgenomen niet naleeft, kunnen er alsnog registratierechten worden gevorderd op overdrachten die eerder werden vrijgesteld.

> ‘wanneer geen brownfieldconvenant wordt afgesloten’

Ook voor projecten waarvoor enkel nog maar een aanvraag tot onderhandelingen is ingediend of waarvoor nog onderhandelingen lopen, kan een vrijstelling voor overdrachten worden gevraagd. Indien de onderhandelingen uiteindelijk niet tot een convenant leiden, kunnen de registratierechten alsnog worden gevorderd.

artikel 161, 14° van het Wetboek der registratie-, hypotheek en griffierechten

“de overeenkomsten tot overdracht of aanwijzing van onroerende goederen als bedoeld in de artikelen 44, 109 en 131, voor zover de overdracht of de aanwijzing geschiedt met het oog op de realisatie van een brownfieldproject dat het voorwerp uitmaakt of zal uitmaken van een brownfieldconvenant, vermeld in het decreet van 30 maart 2007 betreffende de brownfieldconvenanten.

Kosteloosheid wordt slechts verleend op voorwaarde dat bij de aan de formaliteit van de registratie onderworpen akte of verklaring betreffende de overeenkomst een attest is gevoegd waarin wordt bevestigd dat de overdracht of de aanwijzing geschiedt met het oog op de realisatie van een brownfieldproject dat het voorwerp uitmaakt of zal uitmaken van een brownfieldconvenant, en dat de onroerende goederen waarvoor de kosteloze registratie wordt gevraagd deel uitmaken van dat brownfieldproject. De Vlaamse Regering bepaalt de nadere regelen betreffende de vormgeving van dat attest.
Wanneer de overeenkomst ook andere onroerende goederen omvat dan die bedoeld in het eerste lid en de overdracht of de aanwijzing geschiedt voor een gezamenlijke prijs, moet de verkoopwaarde van elk van de onderscheiden categorieën van onroerende goederen worden opgegeven in een verklaring als bedoeld in artikel 168.

Het evenredig recht is alsnog verschuldigd door de verkrijger van de onroerende goederen wanneer binnen de periode, vermeld in artikel 5 van het decreet van 30 maart 2007, geen brownfieldconvenant omtrent het project wordt gesloten, of wanneer het brownfieldproject niet tijdig wordt gestart of gerealiseerd conform de in het brownfieldconvenant opgenomen voorwaarden. Het evenredig recht wordt opeisbaar te rekenen van de kennisgeving van het niet langer vervuld zijn van de voorwaarden voor het behoud van de kosteloosheid. Deze kennisgeving wordt bij ter post aangetekende brief gedaan aan de ontvanger van het kantoor waar de overeenkomst werd geregistreerd, door de door de Vlaamse Regering aangewezen ambtenaar of instantie.”


Contact informatie

brownfield.convenant@vlaio.be
UP