Overslaan en naar de algemene inhoud gaan

U bent hier

Ruwbouwactiviteiten

Wie ruwbouwactiviteiten wil uitoefenen, moet naast de basiskennis bedrijfsbeheer ook de sectorale beroepsbekwaamheid bewijzen.

Wat verstaat men onder 'ruwbouwactiviteiten'?

Onder de activiteit verstaat men:

  • het optrekken,
  • het herstellen,
  • of het slopen van het skelet van een gebouw.

Het moet daarbij gaan om werken die betrekking hebben op de stevigheid en de weerstand van het gebouw.

De activiteiten hebben rechtstreeks betrekking op het optrekken, herstellen of slopen van een gebouw of op het aanbrengen van een roerend goed in een gebouw zodat het onroerend wordt door incorporatie.

Voor de toepassing van dit besluit moet worden verstaan onder gebouw: Een onroerend goed van duurzaam materiaal bestemd voor:

  • bewoning door de mens,
  • administratieve doeleinden,
  • industriële doeleinden,
  • commerciële doeleinden,
  • medische doeleinden,
  • culturele, sportieve of religieuze doeleinden,
  • land- en tuinbouwdoeleinden.

Welke kennis moet u bewijzen?

De sectorale beroepsbekwaamheid:

  • bijzondere administratieve kennis:
    • de regels betreffende de ondergrondse leidingen;
    • de veiligheidsregels bij het slopen met inbegrip van de asbestverwijdering
    • en de te volgen procedures;
    • de reglementering inzake het grondverzet;
    • de milieureglementering inzake bouw- en sloopafval;
    • de energieprestaties inzake ruwbouwactiviteiten;
  • materialenkennis:
    • de onderdelen van het metselwerk : verschillende soorten bakstenen, steenblokken, steen en geprefabriceerde elementen;
    • de wapeningen voor beton;
    • het isolatiemateriaal en de dichtingsproducten voor de ruwbouwactiviteiten;
  • technische basiskennis:
    • van het terreinmeten en het waterpassen met inbegrip van de kennis van de installatie, de regeling en het gebruik van de daartoe benodigde instrumenten en hulpmiddelen;
    • van de grondwerken en funderingen met inbegrip van grondboringen en grondsondering, bronbemaling en het verlagen van de grondwaterstand, graaf- en ophogingswerken met inbegrip van het graven van putten en sleuven, rioleringswerken, het plaatsen van ondergrondse constructies zoals kelders en putten;
    • van de baksteenconstructies, de constructies met soortgelijke bouwstoffen en de gewapende betonconstructies;
    • van de stabiliteit en het stutwerk;
    • van de dakvormen met inbegrip van de meest voorkomende kapspanttypen, dakkapellen en kapplannen;
    • van de technische specificaties (STS) in verband met de ruwbouwactiviteiten;
  • kennis van de technieken voor de fundering, het metselwerk, het betonwerk, het isolatie- en het dichtingswerk, de bekisting, de afwatering, het ijzervlechtwerk, het afbraakwerk, het stutten en het schoren;
  • algemene kennis van de technische voorlichtingsnota’s van het  Wetenschappelijk en Technisch Centrum van het Bouwbedrijf en van de kwaliteitsstandaarden voor de ruwbouwactiviteiten.

Volgende documenten/tijdschriften/handboeken zijn aan te raden ter voorbereiding van het examen. Deze informatiebronnen zijn gratis te raadplegen via het internet.

Hoe de sectorale beroepsbekwaamheid bewijzen?

De sectorale beroepsbekwaamheid kan op twee manieren bewezen worden:

Waar moet u de basiskennis bedrijfsbeheer en sectorale beroepsbekwaamheid bewijzen?

Alleen een erkend ondernemingsloket is bevoegd en dat naar aanleiding van een aanvraag tot inschrijving als handels- of ambachtsonderneming in de KBO

Wie geen geldig diploma of onvoldoende praktijkervaring heeft, kan een examen afleggen bij de Centrale Examencommissie.
Het examen handelt over de administratieve kennis vastgelegd in artikel 5, 2° van het KB van 29/1/2007 en over de sectorale beroepsbekwaamheid vastgelegd in artikel 8 van dat KB. Voor verdere informatie over de administratieve kennis bouw kunt u de syllabus raadplegen als voorbereiding op het examen bij de Centrale Examencommissie. U kan die downloaden op deze pagina


UP