Overslaan en naar de algemene inhoud gaan

U bent hier

Opschorting en eventuele vrijstelling van leegstandsheffing

Wettelijk kader

Codex fiscaliteit van 13 december 2013

Artikel 2.6.7.2.1

Er kan een opschorting van de heffing worden verleend op verzoek van de eigenaar(s) voor de bedrijfsruimten die het voorwerp uitmaken van een brownfieldconvenant, definitief gesloten conform  hoofdstuk III van het decreet van 30 maart 2007 betreffende de Brownfieldconvenanten, voor zover de eigenaar actor is bij het brownfieldconvenant.

De opschorting kan worden toegekend voor een termijn die loopt vanaf de datum van de aanvraag van de opschorting tot aan de beëindiging van het brownfieldconvenant, met toepassing van artikel 10, § 3, van het decreet van 30 maart 2007 betreffende de Brownfieldconvenanten. Op het einde van die periode moet de verwaarlozing en/of de leegstand zijn beëindigd.

De opschorting wordt verleend voor de bedrijfsruimten waarvoor uiterlijk op 31 december van het kalenderjaar dat voorafgaat aan het aanslagjaar, een aanvraag tot opschorting met toepassing van het eerste en het tweede lid wordt ingediend die leidt tot een aanvaarding van het verzoek tot opschorting.

De Vlaamse Regering bepaalt de regels voor de indiening en aanvaarding van het verzoek tot opschorting

Besluit van de Vlaamse Regering houdende de uitvoering van de Vlaamse Codex Fiscaliteit van 13 december 2013 (citeeropschrift: "Besluit Vlaamse Codex Fiscaliteit van 20 december 2013")

Artikel 2.6.7.0.2.

De eigenaar stuurt het verzoek tot opschorting voor bedrijfsruimten die het voorwerp uitmaken van een definitief gesloten brownfieldconvenant met een aangetekende brief naar het departement. De aanvraag tot opschorting moet worden gestaafd door een afschrift van het brownfieldconvenant, dat definitief werd gesloten met toepassing van hoofdstuk III van het decreet van 30 maart 2007 betreffende de Brownfieldconvenanten.

Het departement betekent de al dan niet aanvaarding van het voorstel tot opschorting aan de indiener binnen dertig kalenderdagen na de verzendingsdatum van de aangetekende brief over de aanvraag tot opschorting voor bedrijfsruimten die het voorwerp uitmaken van een definitief gesloten brownfieldconvenant.

Als het departement binnen de termijn, vermeld in het tweede lid, geen beslissing heeft betekend, wordt het voorstel geacht aanvaard te zijn. Het departement verleent de aanvrager in dat geval een opschorting van de heffing.

Meer info: https://www.vlaanderen.be/nl/ondernemen/boekhouding-belastingen-en-fiscaliteit/heffing-op-de-leegstand-en-verwaarlozing-van-bedrijfsgebouwen


UP