Overslaan en naar de algemene inhoud gaan

U bent hier

Hoe dient u de aanvraag in?


De steun moet worden aangevraagd via het daartoe bestemde aanvraagformulier. Dit formulier is een Word-invulsjabloon.

De aanvraag moet worden ingediend vóór de start van het transformatieproject.

Voor aanvragen vanaf 1 april 2016 is de vroegst mogelijke startdatum van het project de eerste dag van de maand die volgt op de maand waarin de steunaanvraag wordt ingediend.

De aanvraag moet dus in de maand die voorafgaat aan de maand waarin de transformatie-investeringen of de transformatieopleidingen werkelijk starten, worden ingediend.

Het ingevulde en ondertekende aanvraagformulier moet samen met het transformatieplan en de andere bijlagen via e-mail worden bezorgd aan strategischesteun@vlaanderen.be. De bijlagen die niet digitaal kunnen worden verstuurd, moeten binnen 15 werkdagen met de post worden opgestuurd naar het Agentschap Innoveren & Ondernemen.

Een onderneming kan om het jaar een transformatieproject indienen.

Registratie van de aanvraag

Het Agentschap Innoveren & Ondernemen stuurt een “ontvangstmelding” naar de onderneming waarmee wordt bevestigd dat de steunaanvraag goed werd ontvangen en is geregistreerd en waarin de vroegst mogelijke startdatum van het project wordt meegedeeld.

Ontvankelijkheid van de aanvraag

Het Agentschap Innoveren & Ondernemen gaat onder andere na:

  • of de aanvraag volledig is,
  • of het effectief gaat om een strategisch transformatieproject aan de hand van het bijgevoegde transformatieplan,
  • en of de onderneming over voldoende financieringscapaciteit beschikt en financieel gezond is via het financieel plan en, wanneer die kunnen worden berekend, via de ratio’s solvabiliteit en liquiditeit in de ruime zin.

Voor ondernemingen die een jaarrekening hebben neergelegd bij de Nationale Bank van België op het moment van de steunaanvraag, worden beide financiële ratio’s berekend aan de hand van de volgende codes:

Solvabiliteit:

Teller = (10/15)

Noemer = (10/49)

Ratio = teller/noemer*100

Liquiditeit in de ruime zin:

Teller = 3+40/41+50/53+54/58+490/1

Noemer = 42/48+492/3

Ratio = teller/noemer

Bij de berekening wordt uitgegaan van het gemiddelde over de drie laatst bij de Nationale Bank van België neergelegde jaarrekeningen voor de datum van de steunaanvraag.

Het Agentschap Innoveren & Ondernemen heeft per aanvaardbare nace code (tot op 2 digits) voor beide financiële ratio’s een ondergrens vastgesteld. Beneden die grens bevindt zich een zogenaamde “grijze zone”.

  1. wanneer zowel voor de solvabiliteit als voor de liquiditeit minstens de ondergrens wordt behaald, is de steunaanvraag op dat aspect ontvankelijk.
  2. wanneer de solvabiliteit en/of de liquiditeit zich in de “grijze zone” bevindt, is de steunaanvraag ontvankelijk wanneer de onderneming een verklaring geeft waarom de ratio’s  slechter zijn dan de ondergrens (= de mediaan voor de sector) EN wanneer de onderneming er zich schriftelijk toe verbindt de ondergrens te behalen uiterlijk tegen het einde van de realisatietermijn van het transformatieproject. Het Agentschap Innoveren & Ondernemen zal de geloofwaardigheid van dat schriftelijke engagement nagaan op basis van een becijferd verbetertraject dat nauw aansluit bij de uitvoering van het business plan en het transformatieproject.

De ondergrens voor beide financiële ratio’s per aanvaardbare nace code (tot op 2 digits) kan u vinden in de Tabel ondergrens liquiditeit en solvabiliteit per nace code die geldt voor aanvragen ingediend vanaf 1 oktober 2013.

Voor ondernemingen die personeel tewerkstellen, bepaalt de hoofdactiviteit volgens de RSZ op het moment van de steunaanvraag welke ondergrens van toepassing is.

Beoordeling van het ingediende project

Het ingediende project zal worden beoordeeld aan de hand van het transformatieplan dat bij de steunaanvraag gevoegd is. Deze beoordeling zal gebeuren door de Commissie Strategische Steun van het Agentschap Innoveren & Ondernemen die gemotiveerde steunvoorstellen zal doen aan de Vlaamse minister bevoegd voor de Economie. Die commissie kan advies vragen aan andere overheidsinstellingen.

Het transformatieplan moet worden opgesteld conform de Leidraad voor de opmaak van het transformatieplan.

Via een transformatietoets zal worden nagegaan of het project voldoet aan de kenmerken van transformatie. Er zijn drie niveaus bepaald voor de beoordeling van de potentiële output, resultaten en impact van het transformatieproject, telkens volgens de verschillende parameters van de beoogde transformatie. Die niveaus zijn:

  • het project zelf;
  • de onderneming of ondernemingen waarin het project wordt uitgevoerd;
  • de Vlaamse economie.

De parameters van de transformatie voor het project zijn:

  • innovatie;
  • internationalisering;
  • verduurzaming.

Kwaliteit en management van het transformatieproject is een bijkomende transversale parameter die dient om het projectmanagement te beoordelen zodat een goede uitvoering gegarandeerd kan worden.

Zo komt men tot zeven parameters. Een overzicht daarvan vindt u in het volgende schema:

Niveau

Subniveau

Parameter

Projectniveau

Innovatie

A.1

Internationalisering

A.2

Verduurzaming

A.3

Impact op de onderneming(en)

 

B

Impact op de Vlaamse economie

Intern

C.1

Extern

C.2

Kwaliteit en management

 

D

Het volledige beoordelingskader voor de transformatietoets van het ingediende transformatieplan kan u vinden in de bijlage van het ministerieel besluit van 23 februari 2015 tot wijziging van het ministerieel besluit van 1 oktober 2013.

Bij de beoordeling van de dossiers wordt rekening gehouden met de omvang en het type van de onderneming. Er worden drie verschillende entiteiten onderscheiden, die een gedifferentieerde beoordeling zullen krijgen. Daarbij wordt uitgegaan van de positie van de onderneming in Vlaanderen op het moment van de steunaanvraag. Bij de beoordeling kan daarbovenop nog rekening worden gehouden met het feit dat de entiteit al dan niet een startende onderneming is of afhangt van een internationale groep.

De drie verschillende types entiteiten bepalen de basisscores die nodig zijn om een gunstige beoordeling te krijgen. De drie verschillende types entiteiten zijn:

  • kleine entiteit (KE) (minder dan 50 werknemers in VTE);
  • middelgrote entiteit (ME) (50 tot 249 werknemers in VTE);
  • grote entiteit (GE) (250 of meer werknemers in VTE).

Voor een gunstige beoordeling van het transformatieproject moet een onderneming op alle criteria kunnen aantonen een omslag in haar activiteiten na te streven en mag ze dus op geen enkel criterium negatief scoren. Het is echter perfect mogelijk dat op sommige aspecten zwaarder zal worden ingezet dan op andere. De projecten die over de zeven parameters de vooropgestelde basisscore behalen, kunnen gunstig beoordeeld worden, rekening houdend met de nuancering die is opgenomen in de bijlage van het ministerieel besluit van 23 februari 2015 tot wijziging van het ministerieel besluit van 1 oktober 2013.

De scores per criterium variëren tussen negatief, neutraal, goed en excellent.

De basisscores voor een gunstige beoordeling van het project zijn:

Niveau

Subniveau

Entiteit

Score*

  1. Projectniveau

A.1 Innovatie

KE

Goed

ME

Goed

GE

Excellent

A.2 Internationalisering

KE

Goed

ME

Goed

GE

Excellent

A.3 Verduurzaming

KE

Goed

ME

Goed

GE

Excellent

  1. Onderneming

 

KE

Goed

ME

Goed

GE

Excellent

  1. Impact op de Vlaamse economie

C.1 Intern

KE

Neutraal

ME

Goed

GE

Goed

C.2 Extern

KE

Neutraal

ME

Goed

GE

Goed

  1. Kwaliteit & management

 

KE

Goed

ME

Goed

GE

Excellent

* De score is opgebouwd in vier gradaties (1 = negatief, 2 = neutraal, 3 = goed, 4 = excellent).

De projecten die niet voldoen aan de voormelde basisscores, komen niet in aanmerking voor steun.


UP