Overslaan en naar de algemene inhoud gaan

U bent hier

Algemene schrijnwerkersactiviteiten

Wie de activiteit van algemeen schrijnwerker wil uitoefenen, moet naast de basiskennis bedrijfsbeheer ook de sectorale beroepsbekwaamheid bewijzen.

Wat verstaat men onder 'algemeen schrijnwerk'?

Alle schrijnwerkersactiviteiten die niet onder de activiteit van plaatser/hersteller van schrijnwerk – glazenmaker vallen, zoals het plaatsen en herstellen van bedekkingen van wanden en vloeren met harde materialen.

De activiteiten hebben rechtstreeks betrekking op het optrekken, herstellen of slopen van een gebouw of op het aanbrengen van een roerend goed in een gebouw zodat het onroerend wordt door incorporatie.

Voor de toepassing van dit besluit wordt onder gebouw verstaan:

Een onroerend goed van duurzaam materiaal bestemd voor:

  • bewoning door de mens,
  • administratieve doeleinden,
  • industriële doeleinden,
  • commerciële doeleinden,
  • medische doeleinden,
  • culturele, sportieve of religieuze doeleinden,
  • land- en tuinbouwdoeleinden.

Uitzondering

Volgende activiteiten vallen niet onder de reglementering:

  • kunst- en mozaïekwerken,
  • het plaatsen en herstellen van dakvensters en -koepels, voor zover die werken worden uitgevoerd door ondernemingen die hoofdzakelijk dakdekkers- en waterdichtingswerken uitvoeren,
  • het bouwen en het herstellen van wanden en verlaagde plafonds in gipsplaten, voor zover die werken worden uitgevoerd door ondernemingen die hoofdzakelijk stukadoor-, cementeer- en dekvloeractiviteiten uitoefenen.

 Welke kennis moet u bewijzen?

De sectorale beroepsbekwaamheid:

  • specifieke administratieve kennis: de CE-markering van de schrijnwerkersproducten en de energieprestaties van gebouwen in verband met de schrijnwerkers- en glazenmakersactiviteiten;
  • materialenkennis: de isolatie- en dichtingsmaterialen voor de schrijnwerkers- en glazenmakersactiviteiten, de glassoorten, de doorzichtige materialen en de schrijnwerkmaterialen;
  • technische basiskennis van: het dimensioneren van de structuren voor het schrijnwerk en voor het glaswerk, de technische specificaties (STS) en het kiezen van het glas en het materieel;
  • kennis van de volgende technieken: het plaatsen van ramen, deuren, poorten, trappen voor binnen of voor buiten, veranda’s, vensterluiken en -blinden, keuken- en badkamermeubelen, beglazing in een raam en glazen deuren en beschotten, het behandelen van het glas in de werkplaats en op de bouwplaats en het bewerken van het glas;
  • algemene kennis van de technische voorlichtingsnota’s van het Wetenschappelijk en Technisch Centrum voor het Bouwbedrijf en van de kwaliteitsstandaarden voor de schrijnwerkers- en de glazenmakersactiviteiten.
  • alle schrijnwerkerstechnieken, bouwen van wanden en verlaagde plafonds, het plaatsen van parket en lambrisering en de technische specificaties (STS) in verband met de schrijnwerkers- en glazenmakersactiviteiten.

Hoe de sectorale beroepsbekwaamheid bewijzen?

De sectorale beroepsbekwaamheid kan op twee manieren bewezen worden:

Waar moet u de basiskennis bedrijfsbeheer en sectorale beroepsbekwaamheid bewijzen?

Alleen een erkend ondernemingsloket is bevoegd en dat naar aanleiding van een aanvraag tot inschrijving als handels- of ambachtsonderneming in de KBO.

Wie geen geldig diploma of onvoldoende praktijkervaring heeft, kan een examen afleggen bij de Centrale Examencommissie. Het examen handelt over de administratieve kennis vastgelegd in artikel 5, 2° van het KB van 29/1/2007 en over de sectorale beroepsbekwaamheid vastgelegd in artikel 20§2 van dat KB. Voor verdere informatie over de administratieve kennis bouw kunt u de syllabus raadplegen als voorbereiding op het examen bij de Centrale Examencommissie. U kan die downloaden op deze pagina.  


UP